door
Sjef Weller
17 jan 2011
In 2010 werden 5.084 Iraanse centrifuges getroffen door de Stuxnet-worm
De Verenigde Staten hebben Israël geholpen bij het ontwikkelen en testen van de computerworm die het nucleaire programma van Iran eind vorig jaar moest platleggen. Dat onthult de New York Times op basis van gesprekken met experts.
Israël zou deze Stuxnet-worm uitvoerig hebben getest op hun eigen Dimona kerninstallatie, welke vrijwel identiek is aan de Natanz-installatie van Iran. De onthulling van de New York Times is de eerste sterke aanwijzing dat de VS en Israël daadwerkelijk samen achter deze worm zaten.
Israël liet Stuxnet vorig jaar los op de Iraanse kerninstallatie en wist hiermee een vijfde van de computers plat te leggen. Vorige week liet Israël nog trots weten dat de bouw van een Iraanse atoombom hierdoor vertraagd is tot 2015. De Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad gaf enkele weken geleden toe dat er inderdaad schade was toegebracht aan hun kernprogramma.
Computerwapen
Stuxnet wordt gezien als het meest krachtige computerwapen ter wereld van dit moment. 'Om te kunnen weten wat deze worm doet moet je de machines kennen', zegt een Amerikaanse expert tegenover de New York Times. 'Dat de worm effectief bleek te zijn komt dan ook omdat Israël deze heeft getest.'
Hoewel de experts ervan overtuigd zijn dat Amerika hun bondgenoot Israël heeft geholpen met deze aanval, wordt door het Witte Huis vooralsnog ontkend dat ze hierbij betrokken waren. Wel liet een woordvoerder onlangs weten blij te zijn met de vertraging die Stuxnet heeft weten te veroorzaken bij het Iraanse kernprogramma.
Door Elmar Rekers / Digital Life