economie

NAM aansprakelijk voor immateriële schade: wat betekent dit?

Door Bauke Schram - 01 maart 2017

De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) wordt aansprakelijk gesteld voor de immateriële schade die bewoners hebben geleden in het door aardbevingen getroffen gebied in Groningen. De aardbevingen zijn het gevolg van de gaswinning door de NAM, een dochterbedrijf van Shell.

De aardbevingen hebben geleid tot aantasting van het woongenot, angst, spanningen en stress bij een aantal bewoners. De NAM moet schadevergoeding betalen aan bewoners als die kunnen bewijzen dat ze schade hebben geleden. De schadevergoeding kan per geval verschillen.

NAM kan proces vertragen

Zo’n 127 gedupeerde Groningers spanden een rechtszaak aan tegen de NAM. De uitspraak is ‘een absolute doorbraak voor de inwoners van het aardbevingsgebied’, zegt advocaat Pieter Huitema, die de slachtoffers bijstond. ‘In het gebied gaat het om duizenden, misschien wel tienduizenden mensen die geestelijk lijden en met een doktersverklaring hun immateriële schade vergoed kunnen krijgen.’

Huitema hoopt niet dat de NAM in hoger beroep gaat tegen de uitspraak. ‘Het zou de NAM sieren als ze een handreiking doet en met ons in gesprek gaat over een goede oplossing,’ aldus de advocaat. Gaat de NAM wel in hoger beroep, dan kan het proces nog jaren duren.

Mogelijk duizenden claims

De NAM wilde woensdag niet reageren op vragen van elsevier.nl. Het is nog onduidelijk of het bedrijf verdere stappen wil nemen. Manager Thijs Jurgens zegt dat er vooral veel onduidelijkheid is: het is onbekend aan welke eisen het bewijs moet voldoen om een claim goedgekeurd te krijgen en NAM geld te laten betalen aan de gedupeerde. ‘We zoeken duidelijkheid, gaan de uitspraak bestuderen en kijken dan wat we gaan doen,’ zegt Jurgens tegen het ANP.

Het is mogelijk dat duizenden Groningers een schadeclaim indienen: alle gedupeerden kunnen schadevergoeding vragen, niet alleen de 127 Groningers die naar de rechter zijn gestapt. Met bewijzen als een doktersverklaring kunnen zij de claim onderbouwen.

Ingelogde abonnees van Elsevier kunnen reageren.