Eric Vrijsen Eric Vrijsen

Voor Keizer lag morele lat te hoog om aan te blijven

Door Eric Vrijsen - 19 mei 2017

‘Een beetje integer kan niet,’ zei uitvaartondernemer Henry Keizer toen hij drie jaar geleden aantrad als VVD-voorzitter. Hij leek de juiste man om de door integriteitskwesties geplaagde VVD te zuiveren. Maar een paar weken geleden kwam hij zelf in opspraak.

Meer nieuws, elke dag in je inbox? Meld je aan voor Elseviers nieuwsbrief >>

Onderzoekswebsite Follow the Money  publiceerde een verhaal over de manier waarop Keizer uitvaartbedrijf de Facultatieve in bezit had gekregen. Sindsdien moest Keizer zich verdedigen tegen wat hij ‘de stroom onware beschuldigingen en insinuaties’ noemt.

Dat deed hij niet handig. Hij dacht kennelijk dat de zaak wel zou overwaaien. Keizer gaf een toelichting aan de pers, maar weerde daarbij de journalisten van Follow the Money. Een beter compliment had hij ze niet kunnen maken. Zij kregen vanzelf de heldenrol, en Keizer maakte zichzelf nog verdachter.

VVD-premier Mark Rutte schaarde zich eerst honderd procent achter Keizer, maar drukte toen een intern integriteitsonderzoek door en liep op de conclusies vooruit door te verklaren dat Keizer geen blaam zou treffen. Ook Ruttes manoeuvres waren niet handig.

Omstreden deal was niet politiek

Enige nuchterheid is op zijn plaats. De omstreden deal dateert van twee jaar voordat Keizer VVD-voorzitter werd. De kwestie had niks met politiek te maken, al had Keizer wel de schijn tegen doordat enkele VVD-vrienden er als adviseur aan meewerkten.

Het crematiebedrijf was eigendom van een vereniging met slapende leden. Directeur Keizer en een paar managers kregen voor een prikkie de aandelen in handen, waarbij zij behalve koper ook adviseur waren van de leden die het bedrijf verkochten. Keizer beweert dat ‘niemand werd benadeeld’. Gisteren hamerde hij erop dat zijn definitieve aftreden niet als schuldbekentenis mag worden uitgelegd.

Vertrouweling van Rutte

Keizer was een belangrijk vertrouweling van VVD-premier Mark Rutte. Hij drukte zijn stempel op de VVD-kandidatenlijst voor de Kamerverkiezingen. Hij trad zelfs op als voorzitter van het wekelijkse VVD-bewindsliedenoverleg, waar partijgenoten elke donderdagavond de ministerraadsvergadering van de volgende ochtend voorbereiden.

Keizer was dus geen partijvoorzitter die alleen over de koffiebonnen gaat. Hij speelde een rol in het landsbestuur. Voor zo iemand ligt de morele lat hoog. Dat hij naar eigen zeggen géén wetten overtrad, is niet genoeg. Keizer is terecht opgestapt. Hij zou zijn bedrijf en zeker ook de VVD nog meer schade hebben berokkend door aan te blijven.

Ingelogde abonnees van Elsevier kunnen reageren.