vrijdag 25 mei 2012

Tags

Artikel Uruzgan

Uruzgan: missie niet nu al verlengen

zaterdag 6 oktober 2007 10:17

Nederland moet pas - in afgeslankte vorm - bijtekenen in Afghanistan als zeker is dat een andere NAVO-lidstaat substantieel bijdraagt. Voorlopig dus poot stijf houden en volhouden dat we in 2008 vertrekken

Eric Vrijsen

Er kan niemand weg uit Uruzgan en er gaat niemand weg uit Uruzgan, verzekerde Jaap de Hoop Scheffer onlangs. De secretaris-generaal van de NAVO bezwoer dat Nederland zijn zestienhonderd militairen in de Afghaanse provincie zal handhaven. Het kabinet-Balkenende moest wel ijzig reageren: 'Dat maken we zelf wel uit.' En zo is het.

Van oudsher speelt Nederland de rol van trouwe bondgenoot. De NAVO vormt een traditionele pijler onder het buitenlands beleid. De aanslagen van 11 september 2001 en de Amerikaanse oorlog tegen het terrorisme gaven nieuwe actualiteit aan de Atlantische reflex in Den Haag.

Waar Duitsland en Frankrijk zich drukten, trad Nederland tot de zomer van 2008 toe tot de Coalitie van de Bereidwilligen onder Amerikaanse leiding.

Geheim
Bij de kabinetsformatie sloten PvdA en CDA een stilzwijgende afspraak om 'Uruzgan' in 2008 te verlengen. Vanwege de onderhandelingspositie in de NAVO moest dat herenakkoord geheim blijven.

Maar de informatie sijpelde natuurlijk door en op het NAVO-hoofdkwartier stond eigenlijk al vast dat Nederland zou bijtekenen. Door ook nog eens in Oslo en Bratislava om bijstand te smeken, versterkte Den Haag die indruk.

Kan Nederland het nu nog maken om de missie níet te verlengen? De NAVO vreest dat ook de Canadezen en de Australiërs dan afhaken. Het hele optreden in Zuid-Afghanistan eindigt dan in een fiasco.

Intimideren
Het zijn zware woorden, maar kabinet en Kamer mogen zich er niet door laten intimideren. 's Werelds machtigste militaire alliantie is heus niet afhankelijk van het kleine Nederland. Staat de toekomst van de NAVO echt op het spel, dan zullen de Fransen en de Duitsers bijspringen in Uruzgan.

Wat dat betreft is het zelfs NAVO-belang dat Nederland duidelijk aangeeft te stoppen. Dat dwingt andere NAVO-landen tot actie. Alleen dan kan de veiligheidsoperatie in Afghanistan van duurzame betekenis zijn.

Nederland moet dus nu zijn poot stijf houden en de ontstane machtspositie benutten. Pas als een andere NAVO-lidstaat bereid is om een substantiële bijdrage te leveren in Urzugan, kan Nederland alsnog besluiten om de missie in afgeslankte vorm voort te zetten.


advertentie