vrijdag 25 mei 2012

Gezin

Het nut van dromen

dinsdag 29 maart 2005 14:33

Boodschappen van goden en demonen. Symbolen voor onbewuste lustgevoelens. Levenstekenen van de ziel. Of gewoon sensorische prikkels tijdens de slaap? Serieuze wetenschappers blijven zoeken naar een verklaring voor het fenomeen droom.

Ze hebben inmiddels een tipje van de sluier opgelicht. 'Als een vrouw van een banaan droomt, dan heeft dat niet vanzelfsprekend met seks te maken,' stelt droomonderzoeker Stephan Hau van het Sigmund Freud Instituut in Frankfurt. 'Het kan ook zijn dat ze zich zorgen maakt omdat haar baby zijn bananenprakje niet lust'.

Freud
In het serieuze droomonderzoek heeft Sigmund Freud afgedaan. Geloofden vroeger opvallend veel geleerden dat Freuds 'droomduiding' een kern van waarheid bevatte, tegenwoordig wil het er bij niemand meer in dat dromen 'de koninklijke weg naar het onderbewustzijn' vormen.

Zeker niet als dat onderbewustzijn in dromen voornamelijk onderdrukte en beangstigende lustgevoelens symbolisch tot uiting zou brengen, zoals Freud beweerde. Dat is een onzinnige verklaring, roepen droomonderzoekers nu in koor.

Maar als dromen geen symbolen meer mogen zijn - jammer, jammer, want hoe leuk is het niet om te lezen dat de banaan beschouwd moet worden als fallussymbool, en een gebroken vaas duidt op een verloren liefde - wat zijn ze dan wel?

Functie
Dat het dromen een belangrijke functie moet hebben, staat wetenschappelijk buiten kijf. Waarom trekt het lichaam er anders zoveel tijd voor uit? Welke functie dat is, wordt dan ook serieus onderzocht.

De toevallige ontdekking van de remslaap in 1953 - en het feit dat vooral tijdens deze slaapfase intensief wordt gedroomd - vormde de aanzet tot vele onderzoeken, die in de loop der jaren interessante verklaringen hebben opgeleverd.

Zo betoogde Harvard-neuroloog Allan Hobson in de jaren tachtig in zijn spraakmakende boek 'The Dreaming Brain' dat dromen niets meer of minder zijn dan het bijproduct van de interne prikkels in de hersenen tijdens de slaap. Die worden veroorzaakt door neurotransmitters: de chemische stoffen die fungeren als boodschappers tussen de hersencellen.

Er gebeurt met deze stoffen heel wat tijdens de slaapcyclus. Zo komt de productie van serotonine en norepinephrine geleidelijk aan stil te liggen, terwijl de productie van acetylcholine toeneemt. Acetylcholine veroorzaakt waarschijnlijk de remslaap, maar is ook een neurotransmitter die de prikkeloverdracht regelt van de emotionele en visuele centra van de hersenen naar het denkende deel van het brein.

Neurale chaos
Door toename van de productie van acetylcholine krijgt dit deel van het brein vooral tijdens de remslaap inkomende gevoelens en beelden te verwerken waar het geen logisch verhaal van kan maken. Het gevolg is, volgens Hobson, 'neurale chaos', onsamenhangende en absurde beelden en gevoelens, oftewel dromen.

Dromen stellen dus niets bijzonders voor, aldus de neurofysioloog die al dertig jaar een kruistocht voert tegen wat hij noemt de 'handelaars in metaforen'. Aan de neurale chaos die wij dromen noemen, kan geen enkele betekenis of boodschap worden ontleend, meent Hobson.

'Als dromen belangrijke informatie zouden bevatten, zou de natuur het wel zo geregeld hebben dat we ze ons herinneren als we wakker worden,' zegt de man die zich notabene zelf wel duizenden dromen kon herinneren en ze allemaal heeft opgeschreven.

Of Hobson gelijk heeft, is lang niet zeker. De recente ontdekking dat mensen ook tijdens de niet-remslaap dromen, plaatst kanttekeningen bij zijn acetylcholineverhaal. Net als de bevinding dat lang niet alle dromen onsamenhangend en absurd zijn. Een op de vier dromen blijkt zelfs volkomen normaal en logisch te verlopen.

Doel
Een toenemend aantal critici wijst er bovendien op dat Hobson misschien wel aardig weet te vertellen hoe dromen neurofysiologisch tot stand komen, maar daarmee nog niet verklaart wat het doel is van deze nachtelijke hersenactiviteit. Want dat is de vraag waar het werkelijk om draait. Waar zijn de hersenen mee bezig?

De Amerikaanse Nobelprijswinnaar Francis Crick kwam begin jaren tachtig met de theorie dat de hersenen zich 's nachts ontdoen van onbelangrijke of zelfs schadelijke informatie die gedurende de dag is binnengekomen. Niks Freudiaanse boodschappen vanuit het onderbewustzijn, maar dromen als een soort vuilsorteringsproces om juist te voorkomen dat we doldraaien.

Crick suggereerde zelfs dat het schadelijk voor je geestelijke gezondheid zou zijn om te proberen je je dromen te herinneren. Zijn theorie - door hem samengevat als 'wij dromen om te vergeten' - is nooit serieus genomen en werd naar de wetenschappelijk vuilstortplaats verwezen toen bleek dat mensen die zich hun dromen goed herinneren geestelijk volkomen gezond zijn.

Leren
De Israëlische onderzoekers Avi Karni en Dov Sagi suggereerden begin jaren negentig precies het tegenovergestelde: we dromen om te leren. Proefpersonen die in hun slaap - en dus in hun dromen - worden gestoord, blijken overdag geleerde zaken minder goed te onthouden dan mensen die een goede nachtrust hebben gehad.

De Amerikaan Robert Stickgold, medewerker van Hobson, denkt dat tijdens de slaap de verschillende hersenonderdelen de boodschappen die overdag zijn binnengekomen nog eens uitwisselen en evalueren. 'Het lijkt erop dat het brein 's nachts met zichzelf in gesprek is om te bepalen welke binnengekomen informatie belangrijk is,' aldus Stickgold.

En welke informatie moet worden onthouden, stelt de Amerikaanse hersenonderzoeker Gina Poe. Zij vond in de breinactiviteiten tijdens de remslaap aanwijzingen dat belangrijke ervaringen vanuit het emotionele deel van het brein in het rationele, denkende deel worden geprent. We dromen om te onthouden dus.

Zie je nu wel, zeggen psychologische droomonderzoekers die de laatste decennia door hun neurologische vakbroeders in het defensief waren gedrongen, maar altijd vasthielden aan de stelling dat een droom iets zegt over de dromer. Dromen zijn weliswaar niet de koninklijke weg naar het onderbewustzijn van de mens, zoals Freud ons wilde doen geloven, maar ze schetsen wel wat iemand emotioneel bezighoudt of beangstigt.

Persoonlijk
Droombeelden hebben geen algemene symbolische betekenis, maar wel een zeer persoonlijke. Daarom kan het nuttig zijn ze te onthouden, op te schrijven en eventueel te betrekken bij de therapie. Vooral weerkerende nachtmerries moeten serieus genomen worden.

De nuchtere neurofysioloog Stickgold komt hen inmiddels een eind tegemoet: 'Een nacht slapen en dromen is te vergelijken met vijf therapiesessies. Het emotionele brein is de patiënt, het rationele brein de therapeut. Je ziet ze fysiologisch met elkaar communiceren en afspreken wat belangrijk is, wat goed in het geheugen moeten worden opgeslagen.'

Dit artikel is eerder gepubliceerd in Elsevier, 15 januari 2000

Tags


advertentie