vrijdag 9 december 2005 12:56
Jason W., een van de veertien verdachten die terechtstaan in het proces rond terreurnetwerk de Hofstadgroep, zegt dat hij zijn radicale uitspraken slechts deed om 'stoer' te doen. 'Ik zat thuis, had geen werk, geen opleiding en ik zocht spanning. Ik wilde interessant doen.'
Dat verklaarde W. vrijdag voor de rechtbank in Amsterdam-Osdorp. De 20-jarige Jason W. ging in 2003 al om met een aantal andere terreurverdachten. In die periode hadden zij onderling veelvuldig gesprekken via het internet.
'Stoerdoenerij'
Tijdens deze chatgesprekken werden soms radicale uitspraken gedaan, die W. vrijdag afdeed als 'stoerdoenerij'. Ook de uitspraak dat hij dacht dat hij door de politie in de gaten werd gehouden, deed hij om stoer te doen tegenover zijn vrienden.
In het najaar van 2003 werd W. opgepakt samen met onder anderen Samir A. en Redouan al. I., de Syriër. Al I. wordt gezien als de geestelijk leider van de Hofstadgroep (lees ook Terrorisme: Zonen van de Syriër). Het kwam destijds niet tot een rechtszaak.
In 2003 ging Jason W. naar Pakistan. Volgens W. ging hij naar dat land om zich meer te verdiepen in de islam, het Openbaar Ministerie (OM) denkt dat hij daar heenging voor een trainingskamp. Samir A. en Saleh B., de man van wie Jason W. denkt dat hij voor inlichtingendienst AIVD werkt, zouden hem bij die reis naar Pakistan hebben geholpen.
Belegering
Jason W. heeft een Nederlandse moeder en een Amerikaanse vader, maar bekeerde zich tot de islam. Hij werd in november 2004 samen met Ismail A. gearresteerd, na een urenlange belegering van hun huis in de Antheunisstraat in het Laakkwartier in Den Haag.
De handgranaat die W. en A. toen naar een arrestatieteam gooiden, zou zijn geleverd door Saleh B. B. wordt hierover maandag gehoord door de rechtbank.
Ga naar het dossier Hofstadgroep
advertentie
Reed Business bv. Auteursrecht voorbehouden. Op gebruik van deze site zijn de volgende regelingen van toepassing: Gebruiksvoorwaarden en Privacy Statement