donderdag 9 februari 2012

Tags

Weekblad

Omslagartikel - Wonen: De lusten en lasten van een tweede huis

donderdag 4 augustus 2005 10:09

Een aangenamer klimaat, meer rust en ruimte, maar ook louter financiële motieven spelen een rol: steeds meer landgenoten zoeken en vinden een optrekje buiten Nederland. Wat komt er zoal kijken bij de aanschaf, wat zijn de valkuilen?

Een jaar of twee geleden hadden Ruud en Hélène Schouten er nog over gepraat: een tweede huis, zou dat wat voor hen zijn? Hélène (56) ging bijna met pensioen en ondernemer Ruud (53) naderde het moment dat hij er iets vaker tussenuit kon piepen. Maar een tweede huis? Nee. Veel te veel zorgen. Ruud: ‘Ik dacht altijd: ik ben al blij als mijn eerste huis op orde is.’Toch heeft de familie Schouten nu een appartement in aanbouw in de Turkse badplaats Alanya. ‘Op nog geen 100 meter van de kust,’ zegt Hélène dromerig. Ze is al een paar keer naar Turkije gevlogen, volgt de bouw op de voet. ‘Ik heb nu gezien hoe de flat precies komt te staan, het is fantastisch.’

Afgelopen november gebeurde het. Ze waren met vakantie in Alanya. Het regende. Ze slenterden door de Atatürkstraat, keken in de etalage van een makelaarskantoor en werden aangesproken in het Nederlands. Even later zaten ze binnen aan de thee. De volgende dag werden ze opgehaald voor een tour langs alle nieuwbouwprojecten. Hélène: ‘Dat deed het ’m. We reden naar een project dat lijkt op dat van ons. We klommen naar het bovenste appartement en keken zo over Alanya naar zee. Het leek het paradijs.’

Ze keerden naar Nederland terug zonder koopcontract, maar met het tweedehuizenvirus. Hélène struinde internet af, las boeken, praatte met ervaringsdeskundigen – alles om maar te weten te komen hoe zo’n aankoop eigenlijk in z’n werk gaat, waar ze op moeten letten. Samen bezochten ze een beurs voor tweede huizen. En besloten: we doen het. ‘Ik had veel informatie verzameld, maar uiteindelijk ben ik toch op mijn intuïtie afgegaan. Alles was zo positief en onze optie dreigde te verlopen. Op hoop van zegen, dan maar.’

Zoals Ruud en Hélène zijn er velen. Nederlanders die niet echt van plan zijn om een tweede huis te kopen, maar op vakantie reddeloos vallen voor de schoonheid van de parelwitte stranden, de lieflijke huisjes, de gastvrije mensen, de zon en de lokale drankjes. Anderen kammen jarenlang elke vakantie hun favoriete streek uit, op zoek naar het ultieme droomhuis. Weer anderen kopen welbewust daar waar ze denken het meeste rendement te halen, uit de verhuur van hun woning, of als belegging over langere tijd.

Hoeveel Nederlanders een tweede optrekje hebben, is gek genoeg onbekend. In eigen land staan ruim 95.000 recreatiewoningen, aldus het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Veelzeggend: dat zijn er 20.000 meer dan tien jaar geleden. Toch zegt dit getal hoegenaamd niets over de werkelijke aantallen tweede huizen op eigen bodem. Recreatiewoningen zijn huizen gebouwd op grond met een recreatieve bestemming. De bungalows van Landal GreenParks, Center Parcs en collegae tellen mee. ‘Gewone’ huizen die als tweede huis worden gebruikt (appartementen in Zandvoort, boerderijtjes in Drenthe), vallen echter buiten de statistieken, evenals de talloze stacaravans en kajuitboten, de huisjes op de volkstuincomplexen en de wonderlijke bouwpakketten die elk voorjaar op de stranden verschijnen.

De situatie in het buitenland is al even ongrijpbaar. Over een jaar of vijf moet er een Europees kadaster zijn dat registreert wie welke woning bezit. Tot die tijd is het gissen. De meeste tweede huizen staan zonder twijfel in Frankrijk en Spanje, enkele honderdduizenden in getal. Ook de buurlanden Duitsland en België zijn niet uit te vlakken. De laatste jaren zijn vooral Turkije en Oost-Europa in opkomst. Fetze Pijlman, organisator van Second Home International, de grootste beurs voor tweede huizen van Europa, schat dat jaarlijks 5.000 Nederlanders in het buitenland een tweede huis kopen. Zeker 10 procent daarvan in Turkije. ‘Het is dé markt in opkomst.
Twee jaar geleden verkochten vijf standhouders huizen in Turkije, dit najaar zijn het er vijftig.’ Zelfs de uithoeken van de wereld worden intussen bevolkt door twee-dehuizenbezitters: Zuid-Afrika, Costa Rica, Suriname, Thailand, Noorwegen. Dat het aantal mensen met een tweede huis immens moet zijn, bewijst het aantal bedrijven dat een goede boterham verdient aan om het even welk aspect van de handel. Makelaars, projectontwikkelaars, verhuurbemiddelaars, aannemers, verzekeraars, schoonmaakbedrijven, banken, hoveniers, notarissen en tolken staan de Nederlander graag terzijde in zijn queeste naar het secundaire geluk. Tientallen tijdschriften en honderden sites informeren de consument over het aanbod en ‘waarop te letten’. Pijlman zag zijn halfjaarlijkse beurs (met louter buitenlands onroerend goed) in tien jaar tijd groeien van 20 naar 330 aanbieders.

Wereldwijs
Het ziet er niet naar uit dat er snel een einde komt aan de kooplust. Europa vergrijst. Nederland telt nu al 2,3 miljoen 65-plussers, in 2030 is hun aantal opgelopen tot 3,8 miljoen, aldus het CBS. In andere Europese landen is het beeld niet anders. Vanaf 2010 gaat ook de babyboomgeneratie officieel met pensioen; in de praktijk zijn velen nu al met prepensioen, vut of allerhande korter-werkenregelingen.

Veel van deze ouderen zijn fit, koopkrachtig en wereldwijs. Ze hebben internet, weten wat er in de wereld te koop is en wat ze willen. In tegenstelling tot oudere generaties hebben ze vaak een koophuis dat (bijna) geheel is afbetaald. De rijkdom van de laatste jaren heeft ze bovendien doen wennen aan een lossere financiële moraal. Het bij elkaar sparen van een zo groot mogelijke erfenis voor de kinderen is een achterhaald levensdoel, genieten het devies. Het spaargeld mag daarbij best op en een nieuwe hypotheek op het (eerste) huis is geen schande.

Het relatief lage prijspeil in bijvoorbeeld Turkije, maakt een tweede huis ook bereikbaar voor nieuwe doelgroepen. De kleine beurs is nu aan de beurt. Spanje en Frankrijk zijn duur geworden. Een huis aan de Spaanse Costa kost al snel 3 ton – en dan staat het niet direct aan zee. Dat is veel kopers te gortig, zo blijkt uit leegstand van nieuwbouw. Aan de Turkse Rivièra kost een huis met zwembad nog geen ton, een appartement 40.000 euro. Het appartement aan zee van de familie Schouten moest 79.000 euro kosten. Na wat onderhandelen betaalden ze 73.000, krijgen er airco en een keuken bij en hoeven de laatste termijn pas te betalen als de schroeven van het naambordje zijn aangedraaid.

Veel van de kopers in Turkije zijn jong: twintigers en dertigers. Ze kunnen zich de relatief lage investering veroorloven en durven het erop te wagen. Er is bovendien een heilig geloof in een toekomstig lidmaatschap van Turkije van de Europese Unie, met een prijsexplosie tot gevolg. Om dezelfde reden hebben ook beleggers zich tot Turks onroerend goed gewend. In het mondaine Side kostte bouwgrond twee jaar geleden 50 euro per vierkante meter, nu 120 euro, vertelt advocaat Henk Sepers, die Nederlanders bijstaat bij de aankoop van onroerend goed in Turkije. ‘Het is niet uitzonderlijk dat een nieuw appartement in twee maanden tijd 30.000 euro meer waard wordt.’

Goedkope vliegmaatschappijen als Easy-jet, Ryanair, Transavia en Onur Air maken afstanden irrelevant. Een tweede huis in Antalya is net zo makkelijk bereikbaar als een stacaravan in Luxemburg, zowel in reistijd als in kosten.

Chris van der Post, eigenaar van een chalet in de Franse Alpen (zie ‘Het is op afstand, je hebt er geen vat op’ op pagina 54) reist vrijwel altijd met het vliegtuig. Het gezin vliegt op Genève, wordt opgehaald door het echtpaar dat ook hun tweede huis schoonmaakt, en is in viereneenhalf uur van deur tot deur. ‘Een retourtje kost 50 à 60 euro, mijn dochter vloog laatst zelfs voor 28 euro. Voor zo’n bedrag kan ik niet rijden.’

Oost-Europese landen, met name Hongarije en Tsjechië, vervangen deels de vraag naar Franse woningen. De poesta’s ademen dezelfde sfeer als het Franse platteland zo’n twintig jaar geleden, met oneindige stukken land waar niemand lijkt te wonen, keuterboertjes die aan huis hun zelfgemaakte wijn verkopen, en begerenswaardige oude boerderijtjes die voor een habbekrats te koop zijn. Inclusief grote lappen grond.

Want dat is wat de tweede huizenkopers in doorsnee drijft: zon natuurlijk, maar ook rust en ruimte. Weg van de hectiek van Nederland, van werk, van stress, van een overvloed aan informatie. ‘Ik ga met grote tegenzin terug naar Nederland,’ zegt Dirk Kroneman, eigenaar van drie Tsjechische huizen (zie ‘Je knapt af op je eigen mentaliteit’ op pagina 56).

‘In Nederland is het vol en zo ontzettend geregeld. Ik heb een eigen bedrijf. Een dag per week werk ik voor de overheid, ben ik bezig om aan al die regels te voldoen. Soms heb ik het gevoel dat Nederland communistisch is en Tsjechië democratisch, in plaats van, tot voor kort, andersom.’

Oplichter
Het vergaren van zo’n aards paradijs verloopt helaas niet altijd vlekkeloos. Toen de Nederlander Arthur van Dongen jaren geleden in Tsjechië zijn droomhuis vond, was hij de koning te rijk. Een jaar na aankoop stond het huis echter nog steeds niet op zijn naam. Hij had wel al betaald en de woning uitgebreid gerenoveerd – er zat veel geld in. Na lang gesteggel kreeg Van Dongen zijn huis in eigendom, maar leuk is anders. De oplichter in kwestie moet binnenkort voor de rechter verschijnen op verdenking van ontvreemding van zo’n 2 miljoen euro.

Van Dongen werkt inmiddels onder de naam NL.CZ als bemiddelaar bij het zoeken, aankopen, renoveren en beheren van tweede huizen in Tsjechië. ‘ Het vinden van betrouwbare partners is heel moeilijk. Zelfs gerenommeerde makelaars halen hier nog rare fratsen uit, op het laatste moment de prijs verhogen, bijvoorbeeld.
Onderteken in elk geval niets wat je niet begrijpt en laat een notaris alle papieren controleren.’

Ook advocaat Henk Sepers krijgt maar al te vaak mensen in zijn praktijk bij wie het misging. Waar gebeurd: een Nederlands echtpaar komt na enkele maanden Nederland weer bij hun tweede huis in Turkije, ze steken de sleutel in het slot... en treffen wildvreemde mensen aan op de bank. ‘Wat doet u hier?’ vraagt de Nederlander. Waarop het antwoord luidt: ‘Wij hebben dit appartement gekocht.’
Het echtpaar komt met de schrik vrij – zij zijn en blijven de rechtmatig eigenaar. De andere ‘kopers’ zijn hun geld kwijt. ‘Dit is helaas geen uitzondering,’ zegt Sepers. ‘Er wordt in Turkije heel veel lucht verkocht.’

Heel belangrijk: laat de zomerzon de kritische blik niet al te zeer vertroebelen. ‘Het lijkt soms wel of mensen hun verstand in Nederland achterlaten,’ zegt makelaar Edith Lemaître van Azur Assistance, werkzaam aan de Franse Côte d’Azur. ‘Alles wat ze ooit hebben geleerd over het kopen van een huis vergeten ze op slag onder de Franse zon. Het bestemmingsplan, de staat van onderhoud, voorzieningen in de buurt, het is allemaal ondergeschikt aan het mooie uitzicht en de
bloeiende oleander.’

Om een goede koop te doen is het raadzaam niet direct in vuur en vlam toe te slaan. Verken de streek, bedenk vooraf waaraan het droomhuis in elk geval moet voldoen (en hou daaraan vast), en bezoek een potentiële woning meerdere keren. Nog steeds zo enthousiast? Denk ook verder dan de dag van morgen. Het ene jaargetijde is het andere niet. Een lieflijk alpenweitje kan in de winter de voorkeursroute van lawines blijken. In Andalusië is het goed toeven in het voorjaar, maar hoe is dat in de zomer, bij 40 graden Celsius?

De echte koop vergt een grondige voorbereiding. De grote kunst, in vrijwel alle tweeehuizenlanden, is om grond en woning daadwerkelijk van de eigenaar te kopen. In Nederland gaat de koop van onroerend goed altijd via de notaris. Die controleert wie wat aan wie verkoopt en voorkomt dat iemand een huis verkoopt dat bijvoorbeeld nog voor de helft van een expartner is (die van niets weet). In veel landen voert de notaris echter weinig uit en is het aan de koper zelf om informatie te vergaren. Sepers: ‘In Turkije moet je naar het kadaster gaan. Vraag een verklaring: wie is de eigenaar, wat zijn de kadastrale gegevens, is het pand of de grond belast? In het geval van bouwgrond: mag je er inderdaad bouwen en zo ja, op hoeveel procent van de grond?’ Wie dit nalaat, aldus Sepers, vraagt om problemen.

Lang niet overal mogen Nederlanders een huis of grond kopen. In Zwitserland is het aantal plaatsen gelimiteerd. In Tsjechië mogen Nederlanders alleen via een Tsjechische tussenpersoon kopen. In Thailand en Indonesië idem dito. In Frankrijk hebben diverse overheidsinstellingen een voorkeursrecht om grond te kopen. Het kan voorkomen dat het koopcontract al is getekend, en de grond alsnog wordt opgeëist. Wie het huis niet zonder de grond wil, moet dit uitdrukkelijk in het voorlopig koopcontract laten vermelden. Kopers van een tweede huis op eigen bodem doen er goed aan te informeren in hoeverre de woning zonder beperkingen te bewonen is. Veel recreatiewoningen kennen een maximum aantal nachten gebruik. Permanent gebruik van recreatiewoningen werd jarenlang oogluikend toegestaan, maar ligt meer en meer onder vuur.

Een ander heikel punt: belastingen. Tweedehuizenbezitters zijn geenszins gevrijwaard van het betalen van belasting. De onroerendezaakbelasting kan oplopen tot duizenden euro’s. Veel landen kennen bovendien een belasting op de winst bij verkoop van de woning. In Spanje bijvoorbeeld gaat 35 procent naar de fiscus. In Nederland betaal je bovendien vermogensbelasting. Het bezit niet opgeven – laat staan met zwart geld financieren – is riskant. Sinds oktober 2003 jaagt de Nederlandse fiscus fanatiek op buitenlands onroerend goedbezit.

Ook het erfrecht verdient aandacht. Zo passen de Fransen voor tweedehuizenbezitters het Franse erfrecht toe. Dit betekent dat bijvoorbeeld het Nederlandse langstlevende-testament niet geldt, waardoor de vrouw des huizes bij overlijden van de man door de kinderen kan worden gedwongen het huis te verkopen. Ook samenlevingscontracten zijn er niet rechtsgeldig.

Maar het belangrijkste is: weet zeker dat je een tweede huis wil. Wie in z’n vakantie onbezorgd twee weken in de zon wil liggen, kan beter een optrekje huren. Een tweede huis vergt onderhoud: dat wordt dus schilderen in de vakantie. ‘Even’ de schade inspecteren na een inbraak of de buitenkraan dichtdraaien bij onverwachte vorst, is er niet bij. Zeker als het huis wordt verhuurd is het onontbeerlijk een lokale kracht in te huren voor de schoonmaak en calamiteiten. Zoals Nina Elfering (zie ‘Voor ik het wist, zat ik weer bij de notaris’ op pagina 53), eigenaar van een villa in Spanje, zegt: ‘Huurders maken altijd van alles stuk. Het kan ze niet schelen, het is hun huis niet.’

Wie al deze sores niet wil, kan het maar beter houden op dromen. Zoals het echtpaar uit ’s-Graveland, dat een huisje heeft in Epitouffles, een niet bestaande plaats in Frankrijk. ‘Zo’n gedroomd tweede huis heeft vele voordelen. Het kost niets, je hoeft niet elke keer acht uur heen en acht uur terug te rijden, je kunt ook eens naar een andere bestemming, maar je kunt toch meepraten, over de onweerstaanbare baguettes van de bakker en de rampzalige loodgieter.’ Op hun terras aan het water in ’s-Graveland zeggen ze regelmatig tegen elkaar: ‘Hoe warm zou het nu in Epitouffles zijn?’ Maar ze verroeren geen vin. "

Kaders bij artikel:

SPANJE : ‘VOOR IK HET WIST, ZAT IK WEER BIJ DE NOTARIS’
Naam: Nina Elfering (35)
Beroep: Stewardess
Tweede huis: Villa met uitzicht op zee aan de Spaanse Costa Brava, tussen Lloret en Tossa de Mar
Gekocht: In 2003 voor 215.000 euro, kosten koper
Doel: Belegging, verhuur en eigen recreatie

‘Ik ben hier nu een week, maar ik zit voor het eerst even in de zon. Er is altijd wel iets te doen. Afgebroken doucheslang, doorgezakte stoel, kapotte zwembadpomp – ik moet flink aan de bak voor ik kan genieten.’ Halsoverkop kocht Nina Elfering begin 2003 haar villa op een berg nabij Lloret de Mar. Ze was op bezoek bij een vriend, zag het huis en was om. ‘Ik liep binnen en dacht: dit wil ik! Ik dacht er minder lang over na dan over de koop van een paar schoenen.’ De financiële consequenties bleken later. ‘In Spanje kun je maar voor 70 procent van de koopsom hypotheek krijgen, dat wist ik niet.’ De resterende 30 procent en de kosten koper leende Elfering van vrienden. ‘Ik redeneerde zo: in het ergste geval verkoop ik het huis en moet ik een schuld afbetalen.’

Samen met vrienden richtte Elfering Club Villamar op. Via het bedrijfje verhuren en beheren ze hun eigen villa’s en die van anderen, inmiddels tachtig in getal. In het hoogseizoen brengt Elferings tweede huis 1.300 euro per week op, genoeg om de kosten van het hele jaar te dekken. Een zorg is het wel. ‘’s Nachts lig ik soms wakker, in mijn bed in Friesland of aan de andere kant van de oceaan, en denk: Er staat daar wel een huis van 2,5 ton en niemand die erop let.’ Laatst werd ze gebeld dat kinderen stenen en troep in het zwembad hadden gegooid. En huurders maken altijd iets stuk. Na leergeld te hebben betaald staat Elferings villa vol IKEA-meubelen. In het voor- en naseizoen, als ze er zelf vakantie houdt, zet ze haar privéspullen erin.

In juli zette Elfering haar handtekening onder het voorlopig koopcontract van een huis in de Franse Dordogne. Een opknappertje, maar met aanmerkelijk meer grond dan de Spaanse villa. De Nederlandse woning van Elfering en haar partner wordt verruild voor een appartement, ook het Spaanse huis gaat vermoedelijk in de verkoop (‘voor 359.000 euro’). Ze denkt erover een Franse tak van Club Villamar op te richten. ‘Het is grappig,’ zegt Elfering. ‘Ik ben nooit op zoek, het komt gewoon op mijn pad. Voor ik het wist, zat ik weer bij de notaris.’
De naam Nina Elfering is gefingeerd


FRANKRIJK : ‘HET IS OP AFSTAND, JE HEBT ER GEEN VAT OP’
Naam: Chris (50), Lida (50) en Simone (18) van der Post
Beroep: Directeur/eigenaar van vleeswarenbedrijf Compaxo, huisvrouw
Tweede huis: Chalet op 1.200 meter hoogte in Les Gets, in Frankrijk, op het snijvlak met Italië en Zwitserland
Gekocht: In april 1999 voor 400.000 gulden; huidige waarde ongeveer 400.000 euro
Doel: Eigen gebruik

‘Wij zijn rustzoekers,’ zegt Chris van der Post. Wat niet betekent dat hij en zijn vrouw Lida hun vakantie op een stretcher doorbrengen. In de zomer gaan ze de bergen in om te wandelen en te fietsen, in de winter om te skiën. Dochter Simone doet aan parapenten.

Lida spotte het project in De Telegraaf. Tien chalets aan de piste in de Franse Alpen, nabij de Zwitserse grens, grenzend aan het grootste skigebied van Europa. Ze gingen kijken: ‘Een sprookje.’ In april 1999 tekenden ze het koopcontract. En toen begon het. De chalets zouden eind zomer klaar zijn. Het werd herfstvakantie, maar de bouw vorderde niet. ‘Met kerst kunnen jullie van het huis genieten,’ verzekerde de bouwer. Niet dus. ‘Het duurde nog tot oktober 2000 voor het huis werd opgeleverd. Toen we kwamen aanrijden met de verhuiswagen liepen er nog steeds werklui rond. We zijn in een hotel getrokken, 24 uur later was alles klaar.’De bouw gaf wel wat spanningen. ‘Het is op afstand, je hebt er geen vat op. Ik kreeg het gevoel dat ik in de maling werd genomen.’ Het spijt Van der Post dat hij er pas later achterkwam dat ook de andere chalets aan Nederlanders waren verkocht. ‘Dan hadden we een vuist kunnen maken.’

Vier, vijf keer per jaar is de familie in Frankrijk. Ook de drie volwassen kinderen komen er, en kennissen. Veel omkijken heeft Van der Post er niet naar. Een lokaal echtpaar maakt schoon en chauffeert de familie van en naar het vliegveld in Genève, op 60 kilometer. Vloerverwarming en boiler zijn via de telefoon te bedienen. Slechts eens in de twee, drie jaar moeten de handen uit de mouwen. Dan rijdt Van der Post met vrienden naar Les Gets, hoogwerker mee, om het chalet van een nieuwe laag verf te voorzien. ‘Daar maken we dan een weekje van.’


NEDERLAND : ‘IK WILDE VRIJHEID VOOR DE KINDEREN’
Naam: Sabine (42), Menno (42, niet op foto), Josephine (7), Reinoud (6) en Hendrickje (4,5) van Delft, vrienden
Beroep: Voormalig lerares Nederlands, musicus
Tweede huis: Jarenzeventigwoning in Schoorl op 1400 m2 grond, aan de rand van de duinen. In de tuin een derde huis, een groot chalet
Gekocht: 500.000 euro (2000)
Doel: Eigen gebruik, af en toe verhuur aan bekenden

Zelf is Sabine van Delft opgegroeid met een tuin van 3 hectare. Lekker ravotten in het gras, tussen de rotzooi, de beesten – dat wilde ze ook voor haar kinderen. ‘Wij wonen heel luxe aan een gracht in Amsterdam, maar vijf jaar geleden hadden we nog geen tuin. In de stad kunnen de kinderen niet op straat te spelen, dus is het: halen, brengen, halen, brengen. Ik wilde vrijheid voor de kinderen.’

Eerst dachten Van Delft en haar man aan een huisje in Frankrijk. ‘Dat kwam het eerste bij me op, iedereen heeft een huisje in Frankrijk. Maar ja, daar zit ik niet in veertig minuten.’ In Nederland lag Schoorl voor de hand. Sabines zus woont er vlakbij in een instituut en kan zo makkelijk op bezoek komen. En Schoorl vol doet aan alles wat Van Delft voor ogen had. ‘Achter het huis ligt 5 kilometer duinen. In de zomer gaan we naar het strand, in de herfst zoeken we paddestoelen in het bos. Kaplaarzen aan en lopen, heerlijk. Maar de bewoonde wereld is ook dichtbij. In Bergen en Alkmaar zit je zo.’ Het huis had ze in één dag gevonden. ‘Ik zag het bord “te koop” en wist: dat is het.’

Het huis is klassiek jaren zeventig, niet bijzonder fraai, maar de ligging is magnifiek.
Een architect heeft de tuin, ooit een zee van bielzen en grindtegels, omgetoverd tot een heerlijk buiten met terrassen, veel gras, een hangmat en plaats om hutten te bouwen. Ridder Reinoud heeft er fort Zwaardeburcht gebouwd, compleet met vuurplaats en ophaalbrug. De tuin vergt veel onderhoud, maar het grove werk laten ze over aan een tuinbedrijf. ‘Die klimmen in de bomen.’ Eigenlijk is het huis in Schoorl geen vakantiewoning.

De buren wonen er permanent. Even hebben de Van Delfts overwogen te verhuizen, maar dat benauwde Sabine. ‘Ik zou de maffe mensen uit de stad missen. Schoorl is klein. Iedereen kent iedereen.’ Ze ziet het als haar twee de leven. ‘We zijn hier bijna elk weekend en elke schoolvakantie.

Vaak met vrienden en familie.’ En de kippen, die in de vakanties meeverhuizen van Amsterdam naar Schoorl, en terug.

TSJECHIË : ‘JE KNAPT AF OP JE EIGEN MENTALITEIT’
Naam: Dirk Kroneman (35) en Renee van Eck (38)
Beroep: Eigenaar/exploitant onroerend goed en loodgieter, ziekenverzorgende
Tweede huis: In Psov, een dorp met zo’n 200 inwoners op het platteland tussen Praag en Karlovy Vary in West-Tsjechië
Gekocht: In 1998 voor 20.000 gulden (zo’n 9.000 euro)
Doel: Nederland ontvluchten, op den duur semi-permanent verblijf

De afwezigheid van Nederlanders was voor Kroneman en Van Eck juist een reden om in Tsjechië een tweede huis te zoeken. Ze kochten een oude boerderij in Psov, op het platteland, midden tussen de Tsjechen, ver van het toeristische Lipnomeer en het Reuzengebergte. Zeven jaar later spreken ze een behoorlijk mondje Tsjechisch en zijn ze deel van de gemeenschap. ‘We vieren de jachtfeesten mee, eten in de centrale keuken, helpen elkaar met klusjes.’ De mensen zijn ontzettend hartelijk, zegt Van Eck. Ze vertelt over een keer dat alle walnoten uit de tuin waren verdwenen.

Gestolen, veronderstelde ze kwaad. Tot de buurvrouw een uurtje later op de stoep stond met twee zakken walnoten, een met gepelde. ‘Dan knap je af op je eigen mentaliteit.’

Het huis in Psov kostte 20.000 gulden. Kroneman heeft het bedrag gepind. Toch was de aankoop spannend. Buitenlanders mogen in Tsjechië geen onroerend goed kopen. Wie dat toch wil, moet een sro, een bv, oprichten of aankopen, en een Tsjech aanstellen als directeur, jednatel. ‘We waren huiverig. Wat als hij een hypotheek neemt op het bedrijf?’

Ze houden van het land, de natuur, het eenvoudige leven. ‘Tsjechen krijg je niet gek. Ze rotzooien de hele dag een beetje, hakken hout, maken wijn, sleutelen aan een auto die het heeft begeven. Stress kennen ze niet.’ Voor Kroneman is het leven in Tsjechië de hemel op aarde. ‘Als ik naar huis rijd, heb ik vaak tranen in mijn ogen. Daar gaan we weer, denk ik dan, de drukte in.’

Kroneman en Van Eck kochten nog twee huizen in Tsjechië. ‘Geen idee wat ik ermee ga doen,’ zegt Kroneman. Het huis in Psov blijft de grote liefde. Over vijf jaar wil Kroneman er de helft van het jaar wonen. ‘Als ik moest kiezen, zou ik Nederland verlaten.’


advertentie