woensdag 7 juni 2006 17:47
DDT komt terug. Zo’n dertig jaar nadat het beroemdste en beruchtste bestrijdingsmiddel uit de geschiedenis door de milieubeweging in de ban is gedaan, zien steeds meer landen in dat de nadelen zwaar zijn overdreven en de voordelen enorm: DDT is onmisbaar in de strijd tegen malaria.
Nu is ook de Amerikaanse overheid overstag. In TheWashington Times van 3 mei zegt Michael Miller van de Amerikaanse overheidsorganisatie voor Ontwikkelingssamenwerking (USAID) het gebruik van DDT in zwart Afrika 'agressief’ te steunen. De Amerikaanse regering geeft Mozambique, Ethiopië en Zambia geld om malaria met DDT te bestrijden.
Daarbij wordt overigens wel een mildere aanpak gekozen dan in het verleden. De binnenmuren van huizen worden twee keer per jaar bespoten met kleine hoeveelheden DDT. Dit heeft verschillende gevolgen. Het weerhoudt muggen ervan naar binnen te vliegen en het verjaagt de meeste muggen die al binnen zijn. De muggen die toch blijven, leggen vervolgens het loodje.
Stille lente
DDT staat voor dichloor-difenyl-trichloorethaan, een stof die met dioxine en PCB tot de categorie der zogenoemde gechloreerde koolwaterstoffen behoort.
Het is al in 1874 samengesteld, maar het was Paul Müller die er in 1939 wereldberoemd mee werd. De Zwitserse chemicus ontdekte dat DDT een bijzonder goed insectendodend middel was en kreeg daarvoor in 1948 de Nobelprijs voor de geneeskunde.
DDT werd in de Tweede Wereldoorlog al beroemd vanwege het gebruik als ontsmettingsmiddel voor geallieerde soldaten en tegen luizen. Aldus heeft het allerlei epidemieën (onder andere van vlektyfus) voorkomen. Na de Tweede Wereldoorlog bleek het ook uiterst effectief in de strijd tegen de muggen die de malariaparasiet overbrengen. Dankzij DDT verdween malaria bijvoorbeeld uit zuidelijk Europa en de Verenigde Staten.
In de jaren zestig echter opende de milieubeweging de aanval op DDT. In 1962 verscheen het boek Silent Spring (Stille Lente) van de Amerikaanse bioloog Rachel Carson. In dat boek werden voor het eerst duidelijk de nadelen van pesticiden beschreven. Dat ze niet alleen voor de te bestrijden insecten dan wel onkruiden dodelijk zijn, maar ook voor andere levende wezens, inclusief de mens. Het fenomeen van de voedselketen werd uit de doeken gedaan: dat pesticiden via het veevoer in kippen en eieren terecht kunnen komen en vervolgens in mensen. Silent Spring kwam op het juiste moment en was meeslepend geschreven: 'Kan iemand geloven dat het mogelijk is zo’n hoeveelheid gif over de aarde te verspreiden zonder het ongeschikt voor leven te maken?’ Rachel Carson had het over 'elixirs van de dood’ en 'de kruistocht om een chemisch steriele, insectenvrije wereld’ te scheppen.
In de index van Carsons boek komen ook andere insecticiden voor (dieldrin en aldrin), maar DDT is onmiskenbaar de kop van Jut. In de loop van de jaren zestig werd DDT dan ook verboden in Nederland en andere westerse landen.
Daarna verflauwde de aanval op DDT bepaald niet. Kon er in Silent Spring nog tussen neus en lippen vanaf dat insecten soms vervelend zijn en bestreden moeten worden, gaandeweg raakte dit positieve aspect van DDT steeds meer op de achtergrond. Neem Nederlandse boeken als Chemie, Mens en Milieu van Jan Willem Copius Peereboom en Bestrijdingsmiddelen van Lucas Reijnders. Beide werden geschreven door milieuwetenschappers die met de milieubeweging sympathiseerden, dan wel daar een boegbeeld van zijn. In die boeken staan alleen maar negatieve aspecten van DDT genoemd. De lezer zoekt tevergeefs naar de informatie dat DDT in de strijd tegen malaria wellicht levens kan redden.
Overdrijving
Pas de afgelopen jaren is het beeld genuanceerder geworden. Biologen en milieuwetenschappers blijken de nadelen van DDT behoorlijk te hebben overdreven. Zoals een artikel in het gerespecteerde medische tijdschrift TheLancet uit 2000 concludeert: 'De beweringen dat DDT riskant is voor de menselijke gezondheid dan wel het milieu zijn niet bevestigd door wetenschappelijke bewijzen. Dat is des te opmerkelijker omdat DDT bijna 55 jaar is gebruikt bij de strijd tegen malaria.’
Ook hebben de critici van DDT er geen rekening mee gehouden dat bestrijdingsmiddelen allesbehalve onnatuurlijk zijn. Er komen miljoenen bestrijdingsmiddelen in de natuur voor. In allerlei voedingsmiddelen die mensen dagelijks tot zich nemen, zitten deze natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Zo beschermen chrysanten zich met het natuurlijke insecticide pyrethrum tegen insecten die het op deze bloemen hebben gemunt. En de tabaksplant verdedigt zich tegen vraat met een intrigerend insecticide waar honderden miljoenen mensen dol op zijn (nicotine).
Tegelijkertijd worden de enorme voordelen van DDT in het gevecht tegen malaria steeds zichtbaarder. Malaria is een wereldwijd probleem. Zo’n 300 miljoen mensen zijn besmet met de malariaparasiet en van hen overlijden er jaarlijks 3 miljoen. Daarmee is malaria aanzienlijk ernstiger dan aids.
Zoals in TheLancet werd beschreven, keert malaria terug op allerlei plaatsen waar de ziekte geheel was verdwenen (Noord- en Zuid-Korea, steden in het Amazonegebied, Armenië, Azerbeidzjan, Tadzjikistan). Volgens TheLancet spelen daarin verschillende factoren een rol. Eén springt er echter uit: de afname van het aantal huizen dat met DDT wordt besproeid.
Goedkoop
DDT is goedkoper dan alle andere pesticiden (het kost 5 euro per huishouden per jaar) en vernietigt muggen beter dan alle concurrenten. In Afrikaanse landen waar het middel opnieuw wordt geïntroduceerd, daalt het aantal malariaslachtoffers met zo’n 80 procent.
In 2000 al verscheen een open brief die door 380 wetenschappers werd ondertekend waarin werd gevraagd om DDT toe te staan in de strijd tegen malaria. Ook organisaties in ontwikkelingslanden zelf, zoals Malaria Foundation International, hebben diverse malen benadrukt dat zij graag DDT willen blijven gebruiken.
Het probleem is echter dat de milieubeweging – vooral Greenpeace en het Wereldnatuurfonds – hun poot stijf houden, geen gezichtsverlies willen lijden en hun totem willen blijven aanbidden.
Zij beïnvloeden westerse overheden, die op hun beurt druk uitoefenen op ontwikkelingslanden om geen DDT te gebruiken. Aldus is volgens het eerder genoemde artikel in TheLancet Mexico bijvoorbeeld gedwongen om van DDT af te zien. Ook ministeries van Ontwikkelingssamenwerking en internationale organisaties als UNEP (United Nations Environment Programme) benadrukken de negatieve gevolgen van DDT en dreigen met een importverbod voor Afrikaanse producten. Critici in het Westen en de ontwikkelingslanden noemen dit eco-imperialisme.
De gevolgen van dit eco-imperialisme zijn dramatisch. Zo was het aantal malaria–gevallen in India in 1951 75 miljoen. Door de introductie van DDT nam dat af tot 50.000 in 1961. Na het verbod op DDT kwam de ziekte weer sterk terug. In 1997 waren er in India 2,6 miljoen geïnfecteerden.
Sri Lanka biedt nog schrijnender cijfers. Door de komst van DDT daalde het aantal geïnfecteerden van 2,8 miljoen tot 17 en het aantal doden van 7.300 tot 0. Vanaf 1961 mocht DDT niet meer worden gebruikt. Toen er niet meer met DDT werd gespoten, steeg het aantal mensen dat met de malariaparasiet is besmet weer tot een half miljoen.
Zuid-Afrika was DDT blijven gebruiken, maar bezweek in 1996 ook voor de druk van de westerse milieugroepen en ontwikkelingsministeries. Het aantal gevallen van malaria nam daardoor toe van 6.000 in 1995 tot 60.000 in 2000. De meest getroffen provincie, Kwazulu-Natal, herintroduceerde DDT toen weer, waardoor het aantal slachtoffers onmiddellijk met 80 procent daalde.
De conclusie is volgens TheLancet simpel: 'Zonder DDT keert het aantal gevallen van malaria terug tot dat van de jaren veertig, waarbij miljoenen zuigelingen, kinderen en volwassenen worden besmet.’
En dat alles omdat de milieubeweging haar zin wil hebben.
advertentie
Reed Business bv. Auteursrecht voorbehouden. Op gebruik van deze site zijn de volgende regelingen van toepassing: Gebruiksvoorwaarden en Privacy Statement