vrijdag 10 februari 2012

Tags

Weekblad

Muziek: De ellende van Eurovisie

woensdag 11 mei 2005 14:28

Verschillende dure jurken neemt ze mee naar Kiev. Pas op het allerlaatste moment, als alle klederdrachten voor de camera zijn getest en als bekeken is wat de concurrentie aantrekt, zal Glennis Grace haar keus bepalen.

Op dit soort berichten zal Nederland de komende dagen vaker worden getrakteerd. Op 19 en 21 mei hebben namelijk de voorronde en de finale plaats van het Eurovisie Songfestival in de hoofdstad van Oekraïne. Dus nu is het de tijd van de voorbeschouwingen en de voorpret. En van de hooggespannen verwachtingen. Die ongetwijfeld weer niet zullen uitkomen, ook al trekt onze Glennis de prachtigste jurk aan.

Zaterdag, en misschien zelfs al donderdag, kampt Nederland weer met een kater. Maar het vooruitzicht van een desillusie vormt niet de enige aanleiding om de ellende van Eurovisie eindelijk eens te gaan mijden. Bij de vijftigste editie van het Songfestival zijn er minstens zes redenen voor een boycot.

Eendagsvliegen
Hebt u de laatste tijd nog weleens een nummer gehoord van Ruslana? Of een concert bezocht van Sertab Erener? Vermoedelijk niet. Want deze winnaars van het Eurovisie Songfestival zijn razendsnel in de vergetelheid geraakt. Dat is het lot van alle artiesten die de afgelopen jaren de oerlelijke Songfestivalbokaal in ontvangst mochten nemen.

Vroeger, ja vroeger, toen was het allemaal een stuk beter. Toen beschikten – sommige – deelnemers over zo veel talent dat ze konden uitgroeien tot wereldsterren. Abba is natuurlijk het bekendste voorbeeld, maar verder waren er ook nog Vicky Leandros, Céline Dion, Udo Jürgens en Nana Mouskouri. En Julio Iglesias niet te vergeten, hoewel de Spanjool op 21 maart 1970 in Amsterdam helaas een deel van zijn – zelfgeschreven – tekst kwijtraakte. En gevestigde beroemdheden, zoals Cliff Richard, zagen er geen been in om een memorabel optreden te verzorgen.

Die tijd is voorbij, voorgoed voorbij. Het Songfestival is het domein geworden van de eendagsvliegen, de talentlozen die slechts één avond in het middelpunt van de belangstelling weten te staan. Arrivés durven hun naam niet meer te verbinden aan de parade van de – terecht – naamlozen. Daarom zal Nederland in Kiev ook niet worden vertegenwoordigd door Marco Borsato of Anouk, maar door een Whitney Houston-imitator die net aan de kant is gezet door haar platenmaatschappij.

Showfestival
Ook in het rijke verleden getuigden de titels van tal van liedjes niet bepaald van een enorme literaire verbeeldingskracht. Wat te denken van Boum badaboum, La la la, Pomme, pomme, pomme, Boom-boom, Bem bom, Olé olé of Bana bana? De laatste Nederlandse winnaar, Teach-In, bracht dertig jaar geleden het al even simpel klinkende Ding-a-dong ten gehore. Toch lijkt het niveau de laatste jaren alleen nog maar te dalen, wat te maken heeft met de invoering van het systeem van televoting. Het volk mag nu ook, voor zover dat technisch mogelijk is tenminste, een stem uitbrengen. Deze artistieke democratisering brengt met zich dat de kwaliteit van het lied steeds minder belangrijk wordt en het uiterlijk, de kledij en de act van de uitvoerende artiest steeds zwaarder tellen. Daarom kon het gebeuren dat vorig jaar de woeste dansen van een in berenvellen gehulde Oekraïense groep het meeste opzien baarden en met goud werden beloond. Het Songfestival is definitief een Showfestival geworden.

Camp
Twee andere betreurenswaardige maatregelen hebben verder een verloedering in de hand gewerkt. Zo moesten de orkesten eraan geloven. Zij werden ingewisseld voor een geluidsband, waardoor de charme van de levende muziek verloren ging. Verder is de regel afgeschaft dat landen een lied in de eigen taal dienen te presenteren. Een doodklap voor de nationale folklore. Het is nu heel veel van hetzelfde. Dat betekent een stroom dreinerige, inwisselbare top-40-achtige deuntjes waarvan de componisten net een cursus Engels voor beginners achter de rug hebben.

Als Henk Krol niet bezig is met het optreden in de media of het valselijk beschuldigen van topambtenaren, wil de hoofdredacteur van de Gay Krant nog weleens van lichte muziek genieten. Van musicals bijvoorbeeld. En van het Songfestival. Niet verwonderlijk, want dit festijn is, in de woorden van Krol, als 'de Champions League voor homo’s’ uitgegroeid 'tot een grote internationale nichtenkermis’. Het is inderdaad geen toeval dat Paul de Leeuw zich in Nederland ontpopte als de grote animator en vaderlandse deelneemsters, van Anneke Grönloh tot Sandra Reemer, faam verwierven als nichtenmoeders.

Dat geeft op zichzelf niks. Ieder diertje zijn pleziertje. Maar het nadeel van deze roze omarming van het festival is de opmars van camp, het bejubelen van dingen die juist verschrikkelijk zijn. Het is genieten met een knipoog: we weten dat al die malloten op het podium niet om aan te horen zijn, maar dat maakt het voor ons juist zo leuk. Deze ironische benadering heeft consequenties voor het aanbod. De ene travestiet is nog niet op plateauzolen naar de kleedkamer gestrompeld, of de volgende mallotige exhibitionist dient zich al aan. De campliefhebbers zitten thuis op de bank ongetwijfeld te hinniken van plezier, maar de triomf van wansmaak stoot echte muziekliefhebbers af.

Expansiedrift
De uitbreiding van de Europese Unie is al nauwelijks meer te stuiten, maar bij het Songfestival is de expansiedrift helemaal grenzeloos: 39 landen zijn er dit jaar bij. Deel uitmaken van Europa behoort niet tot de vereisten. Het gaat om het lidmaatschap van de European Broadcasting Union, een organisatie die ook Vaticaanstad op de lijst van aangesloten landen heeft staan. Misschien zit paus Benedictus XVI nu al te peinzen over mogelijkheden om het geloof via een blijmoedig chanson aan de man te brengen. Met theater en optredens in jurken heeft de kerk in elk geval eeuwenlang ervaring.

Voorlopig doet Israël al geruime tijd mee en volgende week zou ook Libanon meedoen. Libanon! Het wachten is op de aanmelding van Irak en Libië. Gevolg van de expansie is een eindeloos durende puntentelling met uitvoerige stemverklaringen van exotische landen waarvan we tot voor kort nog nooit hadden gehoord.

Tot overmaat van ramp had de publieke omroep, die met het uitzenden van het Songfestival vermoedelijk aan zijn culturele verplichtingen denkt te voldoen, vorig jaar ook nog eens geprobeerd de boel op te leuken met jolig bedoelde tekstjes van de twee presentatoren. Het was pijnlijke ongein. Hoewel weer niet zo pijnlijk als in 1995 toen commentator en lolbroek Paul de Leeuw de bijdrage van Israël meende af te kunnen doen als 'kutliedje’.

Masochisme
Kritisch vermogen dreigt soms verloren te gaan als dat in strijd is met de eigen belangen. Zo kunnen we de voorzitter van de Nederlandse vakjury, Cornald Maas, die normaal nog weleens vilein uit de hoek wil komen, nu overal horen vertellen dat de Nederlandse inzending My Impossible Dream in Kiev hoge ogen gooit. Op die manier moeten kijkers worden getrokken.

Maar deze zelfoverschatting begint masochistische vormen aan te nemen. Steevast wordt het lied aangeprezen, steevast eindigt de deelnemer ergens onderaan. We mogen al blij zijn als we de finale halen en beter scoren dan de vier punten die Willeke Alberti in 1994 vergaarde met het, volgens de – vaderlandse – deskundigen ook weer prachtige, nummer Waar is de zon.

Dat van Nederland geen hoge klassering mag worden verwacht, hangt samen met de verkiezingsmechanismen. Vriendjespolitiek is schering en inslag. Even vertrouwd als ergerlijk is het uitzinnige aantal punten dat Griekenland en Cyprus elkaar jaarlijks toekennen. Maar ook Scandinavische en Oost-Europese landen spelen elkaar schaamteloos de bal toe. Vorig jaar werd het de zanger van Reunion allemaal te veel. Nadat de Nederlandse groep op de twintigste plaats was geëindigd, gaf hij geëmotioneerd uiting aan zijn afkeer van de 'politieke shit’ op het festival. 'Ik roep iedereen op om nooit meer mee te doen.’ Een slechte verliezer zou je kunnen zeggen, maar ook een verstandige man.

Overigens past hier de realistische kanttekening dat het oproepen tot een boycot vermoedelijk niet het gewenste effect sorteert. Zoals wel vaker het geval is. Elke zomer, als de vakanties naderen, verschijnt bijvoorbeeld in een paar kranten en tijdschriften het advies niet op reis te gaan. Blijf toch thuis, raadt de auteur aan, dat is veel aangenamer dan je geestelijke en lichamelijke gezondheid in den vreemde riskeren.

Maar de lezers, en meestal de auteur zelf ook, slaan deze wijze raadgeving onbezonnen in de wind. Zij vergeten alle teleurstellingen van de vorige keren en zijn steeds weer vol goede moed. De verschrikkingen van het reizen zijn nu eenmaal haast onweerstaanbaar aanlokkelijk. Net als die van het Eurovisie Songfestival.


advertentie







advertentie