zaterdag 26 mei 2012

Weblog Brussels Blog

Herdenking Srebrenica is zaak van Verenigde Naties

zaterdag 11 juli 2009 08:31


Nederlandse militairen in Srebrenica waren daar namens de VN Nederlandse militairen in Srebrenica waren daar namens de VN

Soms sta je met je neus bovenop de geschiedenis, zonder dat je het in de gaten hebt. Het was de zonovergoten zomer van 1995. Aan het Binnenhof was het rustig. Geen WAO-rel, zoals in 1991. En de opzienbarende verkiezingen van 1994 waren alweer lang achter de rug. Het CDA likte zijn wonden in de onwennige oppositie en paars regeerde vol enthousiasme. De stranden lagen vol.

De zomerloomheid werd in juli ruw verstoord. Op de Balkan was het blijven rommelen, maar nu werd het menens. De Serviërs hadden de Bosnische moslimenclave Srebrenica ingenomen. Die enclave werd tot dan toe bewaakt door Nederlandse blauwhelmen. In Nederland werd alarm geslagen. Er werd gevreesd voor ‘onze jongens’. In de Prinses Julianakazerne in Den Haag werd 10 juli in allerijl een persconferentie gehouden. Een kaart van de Balkan met Srebrenica erop aangegeven en een toelichting over de ingesloten blauwhelmen.

De persconferentie draaide maar om een vraag: komen onze soldaten er levend uit? Militairen en journalisten dachten aan niets anders.

Dutchbat
De spanning nam toe. Een dag later, op 11 juli, was Srebrenica gevallen, maar de soldaten van Dutchbat bleven ongedeerd. VVD-minister Joris Voorhoeve (Defensie) kweet zich die dagen uitstekend van zijn taak, was de observatie van veel journalisten. Ook ondergetekende schreef een lovend portretje over deze held.

Maar het echte nieuws drong pas later door. Er zouden achtduizend mannen en jongens zijn vermoord. Ze waren afgevoerd onder de ogen van de Nederlandse soldaten. De omvang van het drama van Srebrenica werd langzaam duidelijk.

De persconferentie over ‘onze jongens’ kreeg er achteraf gezien iets absurdistisch door. De zoektocht naar de waarheid van Srebrenica duurde nog jaren en nog steeds zijn niet alle vermisten terecht.
Op 16 april 2002, zes dagen nadat het definitieve onderzoeksrapport van het NIOD was uitgekomen, trad de regering-Kok II alsnog af als gevolg van de gebeurtenissen in Srebrenica.
Voorhoeve zei later dat hij in 1995 had moeten aftreden. Een held had hij zich niet lang gevoeld.

Trauma
In Nederland is Srebrenica een open wonde. Nog altijd zijn de schuldigen van de genocide niet allemaal opgepakt, zoals de Bosnisch-Servische generaal Ratko Mladic. Reden voor CDA-minister Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken) om de toetreding van Servië tot de Europese Unie te traineren.
Op de Balkan wordt spottend gewezen op ‘het Nederlandse trauma van Srebrenica'. Daar zit wat in.

Het Europees Parlement wil dat 11 juli een Europese herdenkingsdag wordt omdat het gaat om de ernstigste oorlogsmisdaad in Europa sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog. Een resolutie erover werd afgelopen januari aangenomen met 556 stemmen vóór, 9 stemmen tegen en 22 onthoudingen.
De twee liberale europarlementariërs achter het initiatief - de Britse Diana Wallis en haar Sloveense fractiegenoot Jelko Kacin – zijn vrijdag in Bosnië voor hun steun onderscheiden.

Montenegro
Voor een Europese herdenkingsdag is behalve in Brussel weinig animo te bespeuren. Wel heeft het parlement van Montenegro 11 juli gisteren na een heftig debat tot herdenkingsdag verklaard. En zelfs in Servië gaan daartoe stemmen op.

De Nederlandse regering en het parlement zijn vandaag – op een enkel Kamerlid en europarlementariër na - afwezig bij een herdenking in Den Haag. De enige echte herdenking is volgens minister Verhagen die in Bosnië, waar 11 juli al langer een officiële herdenkingsdag is.

Gelijk heeft Verhagen. De Nederlandse rol in Srebrenica staat buiten kijf, maar die werd vervuld onder de vlag van de Verenigde Naties. Laat die 11 juli maar tot herdenkingsdag uitroepen.


advertentie








advertentie