zondag 27 mei 2012

Weblog Brussels Blog

Dienende spelers met hoofdprijs aan de haal

donderdag 19 november 2009 19:44


De Britse socialist Catherine Ashton De Britse socialist Catherine Ashton

Klein land, groot land, man, vrouw, christen-democraat, socialist.

Wie zegt nou dat het er in de Europese Unie niet eerlijk toe gaat? Of dat er niet gezocht wordt naar evenwicht?

Bij de aanwijzing van Herman van Rompuy tot president van de Europese Raad en Catherine Ashton tot Hoge Vertegenwoordiger buitenlands en veiligheidsbeleid is aan heel wat criteria voldaan.

Een knappe uitkomst van een spel dat op een bloederige strijd leek uit te lopen, maar nog voordat de 27 regeringsleiders de eerste hap door de keel lieten gaan, beslecht was.

Tevoren was de Zweedse premier Fredrik Reinfeldt, wiens land het voorzitterschap van de Europese Unie waarneemt, er niet in geslaagd via de telefoon consensus te bereiken over de twee topjobs van de Unie.

Dat de Britse premier Gordon Brown zijn voorganger Tony Blair maar in de lucht liet hangen, terwijl die zelfs door zijn eigen socialistische vrienden niet werd gepruimd, hield de boel op.

Toen Brown Blair eenmaal openlijk had laten vallen was het snel bekeken.

Tactiek
Achteraf kan het ook tactiek zijn geweest: de Britten hadden van meet af aan uitzicht op de functie van buitenlandvertegenwoordiger. Minister David Miliband had brede steun, maar wilde niet.

Catherine Ashton, sinds 2008 de Britse eurocommissaris (Handel), lag heel wat minder voor de hand, al werd ook zij al eerder genoemd. Ashton heeft zich in Brussel nog amper in de kijker gespeeld. Ze is een degelijke werker van het type dat ook graag wat voor de samenleving doet, zonder onmiddellijk het eigenbelang in het vizier te hebben.

De Belgische premier Van Rompuy, evenmin van het type de bv-ik vooruit, hing inmiddels al een paar weken boven de markt als de kansrijk kandidaat. Hij zei onlangs in Elsevier dat de nieuwe president 'een dienende speler' moet zijn.

Geen topkandidaten
Ashton en Van Rompuy hebben nog iets gemeen. Ze zijn geen topkandidaten. Maar van beiden zijn ook weinig negatieve eigenschappen bekend.

Jan Peter Balkenende kan tevreden zijn. Dat klinkt vreemd nu hij het niet is geworden. Maar de CDA-premier heeft toch gekregen wat de Nederlandse regering van meet af aan heeft bepleit: de voorzitter van de Europese Raad moet geen Zonnekoning worden.

Dat zal Van Rompuy niet worden. Sterker: Van Rompuy heeft amper ervaring op het Europese toneel. En dat voor een premier van een land dat stikt van de kandidaten die precies weten hoe de Europese Unie werkt, zoals de oud-premiers Guy Verhofstadt en Jean-Luc DeHaene.

De man die tegen wil en dank premier van zijn land werd, gaat nu de geschiedenis als de eerste president van de Europese Raad van regeringsleiders.

Bescheidenheid loont, dat blijkt maar weer.




advertentie








advertentie