zaterdag 26 mei 2012

Laatst bewerkt

donderdag 26 maart 2009 10:29

Tags

Commentaren

donderdag 26 maart 2009 10:29 /

Draai geldkraan voor 'gekke' kinderen dicht

In Nederland krijgen te veel kinderen een psychiatrisch etiket opgeplakt. Psychiaters, leerkrachten en ouders denken kinderen hiermee te helpen, maar schrijven ze in feite af. Overheid moet ingrijpen en geldkraan dichtdraaien

Kinderen met ADHD protesteerden in 2006 omdat ze een betere vergoeding wilden voor hun medicijnen Kinderen met ADHD protesteerden in 2006 omdat ze een betere vergoeding wilden voor hun medicijnen

Lees meer over 'abnormale' kinderen in het laatste nummer van Elsevier

Kinderen met het label ADHD, autisme of een andere stoornis lopen een grote kans om via het speciaal onderwijs in een levenslange uitkering terecht te komen.

Dat lastige of enigszins vreemde kinderen niet per se een stoornis hoeven te hebben, dat een aandoening als ADHD in de loop der jaren kan veranderen of zelfs verdwijnen, dergelijke overwegingen spelen binnen de zwaar gesubsidieerde probleemindustrie niet of nauwelijks een rol.

Inmiddels gaan in Nederland veel meer kinderen naar het speciaal onderwijs dan kinderen in  ons omringende landen. In Nederland groeit het speciaal onderwijs, hoewel bekend is dat probleemkinderen die op gewone scholen blijven betere prestaties behalen.

Vernieuwingen
Een wrange constatering is dat veel kinderen die nu naar het speciaal onderwijs verdwijnen, waarschijnlijk in staat waren geweest om normaal onderwijs te volgen indien de ‘onderwijsvernieuwingen’ – zoals de oprichting van het vmbo, de invoering van de basisvorming en de schaalvergrotingen – in de jaren ’90 achterwege waren gebleven.

Voor minder getalenteerde kinderen zijn de eisen die het huidige reguliere onderwijs stelt te ingewikkeld. Maar dit wil niet zeggen dat bij hen een steekje los zit.

Ingrijpen
Het is tijd dat de overheid ingrijpt door de toegang tot het speciaal onderwijs te bemoeilijken en de geldkraan deels dicht te draaien. Ook zouden psychiaters, leerkrachten, gedragsdeskundigen én ouders vraagtekens moeten stellen bij het functioneren van een probleemindustrie, die kinderen die enigszins afwijkend gedrag vertonen ‘abnormaal’ verklaart en massaal afschrijft.

Als ouders minder onzeker zouden zijn in de opvoeding, leraren meer gezag toonden en psychiaters de waarde van modieuze diagnoses als ‘PDD-NOS’ ter discussie durfden te stellen, zouden zij veel kinderen die nu met een stigma rondlopen een grote dienst bewijzen.


advertentie








advertentie