donderdag 22 maart 2007 14:41
Het lijkt een simpele missie, de aanschaf van een overhemd. Maar het luistert nauw, want naast de sturende vorm van buik en nek zijn de grenzen tussen tuttig, net goed en te bont vaak subtiel. Drie kenners geven zeven richtlijnen voor een juiste keuze.
Hemden: degelijk of modieus?
Door Anouk Turkenburg
1. Hoe moet een hemd zitten?
In de eerste plaats: comfortabel. Marcel Marbus: 'Als een hemd niet prettig zit, ben je daar de hele dag mee bezig.' Comfortabel is bijvoorbeeld dat een hemd niet uit uw broek schiet als u gaat zitten. Marbus: 'Wij houden voor onze maatwerkhemden altijd aan: meet van onder de boord tot aan de broekband plus 30 centimeter.'
Gelukkig zijn er meer meetkundige regels die houvast bieden: de boord moet weliswaar aansluiten op uw nek, maar niet te strak zitten, u kunt er nog ruim een vinger tussen steken. Het manchet valt op de knik van pols en hand zodat er nog een randje van 2 centimeter van het manchet onder uw jasje uitsteekt. Te lange mouwen staan snel sloom.
Ook uw lichaamsbouw speelt natuurlijk een rol. De mode schrijft slankere hemden voor dan een paar jaar geleden. Daarom bieden de meeste hemdenmerken tegenwoordig verschillende pasvormen, waaronder een getailleerde. Hans Hagenaars ziet echter nog steeds veel te veel grote hemden: 'Zoveel stof! En dat zit onder het jasje gepropt, vreselijk.'
Om deze reden kiest u overigens ook altijd voor een hemd met ronde onderkant. Een rechte onderkant hoopt zich op in uw broek. Hebt u een stevige borstpartij of forse buik, dan is een slankgesneden hemd geen goed idee, de knoopjes kunnen gaan openstaan.
Bent u juist heel slank, kies dan voor een hemd met twee coupenaden op de rug. Dan sluit het nog mooier aan op uw lichaam. Martin Tramper adviseert om bij aankoop ook goed naar de stand van de een na bovenste knoop te kijken, zeker als u geen das draagt: 'Knoop dicht kan heel tuttig zijn, terwijl open juist weer te bloot is.'
2. Welke boord is goed voor u?
Dat hangt af van de vorm van uw nek, of u een das draagt en wat u mooi vindt. De keuze is eindeloos, bij New Tailor kunt u al kiezen uit ruim zestig variaties. Bepalend voor de vorm van de boord zijn drie aspecten: de hoogte van de staander (de rand), de lengte van de boordpunten en hoe die punten zijn gesneden.
Marbus ziet dat meer mannen kiezen voor hogere staanders, omdat ze niet altijd een das dragen. 'Ik adviseer dan een boordmaat groter te nemen, anders zit de boord tegen de adamsappel aan.'
Voor korte nekken is zo'n hoge staander uiteraard geen aanbeveling. Brede hoofden kiezen voor een klassiek boord met rechte punten. Hebt u een smal gezicht, dan staat een wijdgesneden boord beter zoals wide-spread of cut-away (nog wijder) en met kleinere boordpunten. Let op: daar moet wel een das bij. Minimaal met halve, liefst volle Windsor-dasknoop.
Hagenaars draagt graag de collar Milanese, een nóg wijdere cut-away-boord waar zijn das ('Verschrikkelijk als mannen geen das dragen') goed in uitkomt. 'Maar,' zegt hij, 'het is een boord voor de trutten onder ons.' De button-down was lange tijd not done, maar is bezig met een voorzichtige comeback. De knoopjes geven een hemd een sportieve uitstraling.
Ook bekend is de stick-up-boord (ook wel vadermoordenaar). Dit is het boord met kleine puntjes dat vaak op smokinghemden zit. Voor alle boorden geldt dat het binnenwerk van geperst katoen moet zijn. Dat draagt het prettigst. Goedkope merken gebruiken een kunststof zoals polyester. Niet te zien, wel te voelen: kunststof voelt veel harder aan.
3. Wat is een goed manchet?
Dubbel of enkel, met of zonder manchetknopen, dat is de vraag. 'Onder een pak altijd dubbel met manchetknopen,' zegt Marbus. Hagenaars is het daar niet mee eens. 'Het dragen van dubbele manchetten is een typisch Engels en Nederlands gebruik, Italianen dragen enkele.'
Hagenaars wijst erop dat een manchetknoop in de weg kan zitten bij schrijven en computerwerk. Altijd fout: enkel manchet mét manchetknoop. Marbus: 'Maak dan een keuze.' Kies verder voor afgeronde manchetpunten, die zullen niet omkrullen. Het bovenblad van een dubbel manchet behoort iets groter te zijn dan het onderblad.
Bij op maat gemaakte hemden kunt u het linkermanchet 1 centimeter wijder maken, zodat een horloge er goed onder past. Sommige 'gewone' merken bieden verstelbare manchetten waarmee dat ook kan.
Het mouwhuis – de opening boven het manchet – heeft altijd een knoopje. Niemand kijkt graag tegen een stuk blote arm aan. En, u moet er oog voor hebben, maar duurdere hemden onderscheiden zich omdat ze meer (aangebrachte) plooitjes boven het manchet hebben: meer dan drie plooien is luxe.
4. Van welke stof moet het zijn?
Simpel: een hemd is altijd van 100 procent katoen. Vooruit, linnen mag in de zomer. Er zijn ook (vaak goedkopere) hemden van katoen met polyester met namen als easy iron, easy care. Die hebben als voordeel dat de stof beter te strijken is, maar ze zitten ook minder prettig omdat polyester niet ademt.
Een ander type is non iron, dit zijn hemden waarbij de stof of de katoendraden een finish, een extra laagje, hebben gekregen waardoor het hemd helemaal niet meer hoeft te worden gestreken. Marbus: 'Maar liefhebbers vinden dat niet het echte werk.'
Helaas bent u er niet met de aanduiding '100 procent katoen' want er zijn veel kwaliteitsverschillen. In het algemeen geldt: hoe langer de katoenvezel, hoe beter de kwaliteit en dat merkt u aan een goede 'greep'. Voelt de stof prettig zacht aan, dan is het een goede katoensoort.
Sea Island en Egyptisch katoen hebben de reputatie deze lange vezels te hebben. Volgens Marbus en Tramper betaalt u echter meer voor de naam en bent u dus in de regel te duur uit.
Voor alle katoenen vezels geldt dat ze eerst in elkaar worden gedraaid (twisten), daarna worden twee getwiste draden in elkaar gedraaid: twijnen. Bij dubbel getwijnd katoen wordt dat twee keer gedaan, het bestaat dus uit vier draden. Hoe vaker getwijnd, hoe meer glans de stof heeft.
Katoendraden worden daarna geweven en dat kan op verschillende manieren. De bekendste zijn poplin, herringbone, fil à fil, en twill. Poplin is de simpelste, meest rechttoe-rechtaan manier van weven. Het levert een gewone, platte stof op.
Twill heeft een diagonaal motief zoals op een spijkerbroek, herringbone een visgraat, bij fil à fil is er een witte draad meegeweven. Net als bij pinpoint dat een spikkeltjespatroon geeft.
Voor de kwaliteit noch de prijs van een hemd is de manier van weven echter van belang. Zoals Marbus zegt: 'Je kunt weven wat je wilt, het gaat erom waarmee.' Tramper heeft wel een slimme tip: 'Twill heeft als voordeel dat het een luxere uitstraling geeft. Een goedkoper hemd in twill ziet er al snel goed uit.'
5. Voor welke kleur kiest u?
Hagenaars draagt altijd een wit, hooguit lichtblauw hemd: 'Ik vind dat een pak dan het mooiste uitkomt.' De andere kenners zijn minder streng in de leer, maar wijzen erop dat het hele bonte wel voorbij is. Tramper: 'Het is allemaal wat rustiger en eleganter. Wit, blauw, zachtgrijs met een subtiel ruitje of streepje.'
Hij benadrukt dat het ontbreken van een dessin hogere eisen stelt aan de kwaliteit van het hemd. 'Je kunt niet compenseren.' Marbus is verder niet gecharmeerd van drie keer streep. 'Pak, hemd en das met een streepje is echt te veel.'
Uit den boze zijn de geprinte strepen die je soms aantreft bij goedkopere hemden. Hagenaars: 'Dan gaat iemand zijn mouwen oprollen en kijk je tegen zo'n bleke achterkant aan.' U kunt een shirt dragen onder uw hemd, maar laat het niet zien, dus neem een strakke v-hals. Hagenaars keurt het sowieso af.
6. Paarlemoeren knopen en baleinen?
Als u uzelf als hemdenliefhebber wilt laten zien, ja. Gewone hemden hebben gewone, plastic knopen die er soms best als paarlemoer kunnen uitzien. Bij twijfel voelen: paarlemoer voelt onder alle omstandigheden koel aan. Liefhebbers zweren bij liefst dikke paarlemoeren knopen.
De beste en duurste manier om een knoop vast te zetten is de hanepootsteek. Kruiselings is ook goed. Bij dure hemden zitten de knopen op stift, ook wel steeltje genoemd. Onder de knoop is de draad nog extra om de vastzetdraad gedraaid. Betere hemden hebben bovendien geen opgezette knoopslijst. Dat geeft een mooi rustig beeld.
Met baleinen is iets raars aan de hand. Eenvoudige hemden hebben plastic baleinen, vastgenaaid of los. Dat laatste is al iets chiquer. Summum zijn losse, dikke, paarlemoeren baleinen. Goed vastgezette baleinen zijn echter wel beter voor uw hemd. Ze komen tot in de boordpunten zodat deze niet gaan krullen.
7. Investeert u in handgemaakt?
Nog meer dan bij de baleinen geldt hiervoor dat echte liefhebbers erbij zweren, maar rationele gronden ontbreken voor de aanschaf. Handgemaakte hemden zijn te herkennen aan een bolling bij de schouders, omdat de mouwen met de hand in het hemd zijn gezet.
Hagenaars (niet onpartijdig, want Canali doet niet aan handwerk) noemt ze 'alpenbloesjes met die pofmouwtjes'. U herkent handwerk ook aan de slordige knoopsgaten. Een machine stikt immers altijd regelmatiger en netter dan een mens. Marbus: 'Handwerk is een gevoelskwestie, het heeft geen functie.'
Handwerk of niet, altijd geldt: hoe meer werk erin zit, hoe duurder het hemd is. De fijnheid van het stiksel geeft hiervoor een indicatie: hoe meer steken per centimeter, hoe beter want dat geeft een verzorgde aanblik. Grof is vier of vijf steken per centimeter, mooi is zeven, liefst acht steken.
De zijkanten van eenvoudige hemden worden simpelweg aan elkaar vastgezet, kwaliteitshemden hebben aan de binnenkant een zogeheten Engelse naad. U ziet het aan het dubbelgevouwen randje stof.
Betere hemden hebben verder aan de onderkant tussen voor- en achterpand een opgestikte of ingenaaide versteviging. De uitzondering op deze meerwerkregel is het borstzakje. Die hebt u alleen als u shagroker bent.
Kaders bij artikel:
De kenners
Marcel Marbus (35) is sinds acht jaar vestigingsmanager van New Tailor in Utrecht. New Tailor is een maatwerkbedrijf – er is ook een vestiging in Amsterdam – voor pakken en hemden.
Martin Tramper (41) is business unit manager voor Arrow, dat in Nederland onderdeel is van Secon Group. Het Amerikaanse merk Arrow bestaat sinds 1851 en is inmiddels het grootste hemdenmerk ter wereld.
Hans Hagenaars (48) is importeur voor Benelux en Scandinavië van Canali, een gerenommeerd Italiaans mannenmerk. Daarvoor werkte hij onder meer voor het Duitse hemdenlabel Jacques Britt.
Hoe onderhoudt u uw hemd?
U draagt een hemd altijd maar één dag, dus dat betekent veel wassen, drogen en strijken. Eén geruststelling: hemden van een goede kwaliteit strijken volgens de kenners veel makkelijker. Het beste kunt u maximaal zes hemden tegelijk wassen zonder andere kleren erbij, dan kreuken de hemden in de wasmachine al minder.
Zodra de machine klaar is, haalt u ze eruit en hangt u ze op hangertjes. Rek manchetten en boorden iets op. Als de hemden bijna droog zijn, gaat u strijken. Hagenaars en Marbus gaan uit van mouwen, achterkant, rechtsvoor en dan naar links. Bijzondere aandacht verdient de boord. Tramper adviseert vanuit de punten naar het midden (achter) te werken. 'Anders krijg je vouwen bij de naad.'
Leuk & informatief artikel!
Ciao,
Tom
http://www.puntoitaliano.it
Erg handig artikel. Voor de beste confectie overhemden, ga je naar https://www.hemdvoorhem.nl
Reageer op dit artikel Lees alle reacties (totaal 5 reacties )
Reed Business bv. Auteursrecht voorbehouden. Op gebruik van deze site zijn de volgende regelingen van toepassing: Gebruiksvoorwaarden en Privacy Statement