zaterdag 23 februari 2008 15:31
De meeste kleren die door ideële instellingen worden ingezameld, gaan allang niet meer naar Afrika of het voormalige Oostblok. Ze worden verwerkt tot matrasvulling, isolatiemateriaal of autobekleding.
Dat blijkt uit een reportage van Volkskrant Magazine.
Van de ingezamelde kleding gaat 30 procent naar Afrika en 20 procent naar de rest van de wereld, vooral Oost-Europa.
Veeleisend
‘Afrikanen worden de laatste jaren steeds veeleisender,’ zegt Hans Don, directeur van Wieland Textiles, een van de grootste kledingsorteerbedrijven van Nederland. ‘Daar hebben ze ook satellieten. Ze zijn precies op de hoogte van het modebeeld en willen geen rotzooi meer dragen. Afrikanen willen ook een spijkerbroek van G-Star.’
Zelfs de allerarmsten nemen niet met alles genoegen. ‘Er is een tijd geweest dat Nederlandse dames broeken droegen met smalle pijpen en ritsen aan de onderkant,’ aldus Don. ‘Die wil dus echt niemand hebben.’
Poetslap
Ongeveer de helft van de ingezamelde kleding wordt gerecycled. Katoenen kleding wordt tot poetslap vermaakt en aan de Australische mijnbouw verkocht. Wollen kleding wordt in India uit elkaar gepulkt en opnieuw gesponnen. De rest wordt fijngehakt en als matrasvulling, isolatiemateriaal, autobekleding of papier verwerkt.
Slechts 0,5 procent van de ingezamelde kleding is geschikt voor verkoop in Nederland.
Reed Business bv. Auteursrecht voorbehouden. Op gebruik van deze site zijn de volgende regelingen van toepassing: Gebruiksvoorwaarden en Privacy Statement