Voldoende bewegen is het medicijn voor een lang gezond leven

We joggen ons suf, eten bewuster en hechten aan een goede nachtrust. Een groeiend aantal Nederlanders gelooft dat onze gezondheid maakbaar is. Dat is big business voor sport- en techbedrijven. Toch gaat de grootste winst straks naar de gezondheidszorg.

In het weekend is het een vertrouwd beeld: grote aantallen sportievelingen die hun hardlooprondje maken. Mannenclubjes die in peloton op de racefiets voorbijzoeven. Wie op een doordeweekse avond in het park wandelt, stuit geheid op een groepje bootcampers. Het lijkt alsof Nederland is besmet met het
bewegingsvirus.

Vooral de hardloopsport groeide fors. Ons land telt 2,4 miljoen hardlopers. Het aantal hardloopevenementen was nog nooit zo groot. Fitness blijft met 2,5 miljoen Nederlanders de grootste sport. Daarna volgen wandelen, zwemmen en fietsen. Yoga is de grootste stijger. Opvallend is de groeiende vraag naar personal trainers
en leefstijlcoaches. We willen het sporten volhouden en advies bij het afvallen en
bewegen ter voorkoming van blessures.

Regie over eigen gezondheid

Nederlanders vinden hun gezondheid belangrijker dan ooit. Daar spint het
bedrijfsleven garen bij. De omzet van de Nederlandse sportartikelenmarkt bedroeg 1,7 miljard euro in 2015. Dat is 200 miljoen euro meer dan in 2013, meldt brancheorganisatie INretail. Ook hightechbedrijven ontdekten de gezondheidsmarkt. Applicaties als Fitbit, Jawbone en Garmin — zogeheten activity trackers — vertellen of we voldoende bewegen en hoeveel calorieën
we verbranden. Dankzij het grote aanbod aan gezondheidsapps hebben we via
onze smartphone steeds meer kennis van en invloed op onze lichamelijke conditie.

‘We gaan onze lichamelijke conditie straks bijhouden in ons digitale patiëntendossier’

Adviesorganisatie PricewaterhouseCoopers voorspelt dat de mondiale mobile healthmarkt — dus inclusief gezondheidsapps — in 2017 naar een omzet van ruim 23 miljard euro zal gaan. We willen steeds meer regie hebben over onze gezondheid, signaleert managing director health & public services van Accenture Katinka de Korte (46). ‘Die trend zie je al bij jongeren. Zij meten heel serieus hun conditie — hebben ze die dag genoeg bewogen, was de maaltijd niet te vet en sliepen ze voldoende? Ze mogen van zichzelf pas voor de tv hangen als ze hun dagelijkse portie lichaamsbeweging hebben gehad. Jongeren zijn steeds meer bereid hun data te delen met zorgverleners om kwalitatief betere zorg te krijgen of korting bij zorgverzekeraars.’

Ook ouderen blijken volgens De Korte boven verwachting geïnteresseerd in het meten van hun gezondheid. Toch gebruikt volgens onderzoeksbureau GfK maar 13 procent van de Nederlanders een gezondheidsapp of wearable (draagbare meettechnologie). ‘Nederland blijft achter bij de rest van West-Europa,’ beaamt De Korte, ‘maar dat is een kwestie van tijd. Uit onderzoek blijkt dat 78 procent van de consumenten in de zorgsector bereid is medische wearables te gebruiken. Uiteindelijk lopen we er allemaal mee rond. Commerciële bedrijven zullen ons  overtuigen van het nut ervan en ze ontwikkelen steeds slimmere producten.’ Ook zorgverzekeraars worden een belangrijke aanjager, weet De Korte. ‘Zij zijn allemaal bezig met de vraag of en hoe ze verzekerden kunnen belonen met een gezonde leefstijl.’

Serieuze gesprekken

We lijken een sportief volkje. Met 9 miljoen wekelijkse sporters scoren we hoog in Europa. Het slechte nieuws is dat we het meest zitten. Bovendien beweegt een derde van de Nederlanders onvoldoende en is de helft van de Nederlandse bevolking te dik. ‘Dat is een groot probleem,’ zegt hoogleraar neurologie en neuroloog in het UMC Jaap Kappelle (59). Hij is gespecialiseerd in vaatziekten in de hersenen en verkondigt al jaren dat een gezonde leefstijl veel meer aandacht verdient.‘Het stoort me dat de medische wereld gigantische bedragen uitgeeft aan fancy apparatuur en dure medicijnen. Daarmee maken we kleine stapjes vooruit. De grootste winst boeken we als we gezonder gaan leven.’

Te dik

Dit inzicht groeide tijdens zijn carrière als neuroloog. ‘Er zijn zo veel te dikke mensen die een ernstige beroerte krijgen. Bijna dagelijks zie ik patiënten met een TIA — vaak een voorbode van een beroerte — die te zwaar zijn. Met hen voer ik serieuze gesprekken. Ik leg uit dat ze zelf het meest kunnen doen door gezonder te leven. Voor veel mensen is het een wake-up call.’ Volgens Kappelle krijgen jaarlijks 46.000 mensen een beroerte. ‘Dat zijn er 125 per dag. Zo’n 175.000 mensen zijn blijvend invalide als gevolg van een beroerte. Dat is niet alleen triest, er zijn ook hoge zorgkosten mee gemoeid.’

Preventief niet sexy

Te weinig bewegen is schadelijker dan roken, is de harde boodschap van Kappelle. Hij baseert zich op een recent onderzoek in het medisch tijdschrift The Lancet. ‘Factoren als een hoge bloeddruk, roken, alcoholgebruik, ongezond eten en weinig bewegen verhogen het risico op aderverkalking en daarmee op het krijgen van een beroerte of hartinfarct. Dat was al bekend. We weten sinds kort dat te weinig bewegen voor 36 procent bijdraagt aan het risico om een beroerte te krijgen. Voor roken is dit 12 procent.’

De overheid zou die realiteit serieus moeten nemen, aldus Kappelle. ‘Jarenlang investeerden we in anti-rookcampagnes en werd roken in de openbare ruimte uiteindelijk uitgebannen. Dat leverde veel op. Nu is het tijd om miljoenen in gezondheids- en bewegingsprogramma’s te stoppen. Te beginnen bij kinderen. Zeker in lagere sociale klassen komt obesitas veel voor. Gratis sporten voor kinderen — zoals sommige politieke partijen bepleiten — is geen gek idee.’

Meten is Weten

Tot nu toe is preventieve gezondheidszorg niet ‘sexy’, ervaart Kappelle. ‘In de zorg leeft het niet. ‘Een arts wordt niet beloond voor een leefstijladvies, maar voor een behandeling. Jarenlang heb ik gelobbyd voor subsidies voor preventief onderzoek. Tevergeefs. Ik ben blij dat het vorig jaar wel is gelukt: dankzij de Nederlandse Hartstichting is er nu vijf miljoen euro beschikbaar voor preventief onderzoek.’ Ondanks de onheilsboodschap is Kappelle optimistisch. ‘Ik zie dat jongeren meer begaan zijn met hun gezondheid. Ik juich de opmars van wearables en gezondheidsapps toe. Uiteindelijk denk ik dat de gezondheidszorg een meer preventief karakter krijgt.’ En volgens hem spelen huisartsen daarin een belangrijke rol.

Hypochonders

Huisarts Bart Timmers (56) van huisartsenpraktijk Bergh in ’s Heerenberg is daar al serieus mee bezig. Hij spoort mensen met overgewicht regelmatig aan meer te
bewegen en vraagt of ze hun stappen willen meten — bijna elke telefoon heeft tegenwoordig een stappenteller. ‘Mensen denken vaak dat ze genoeg bewegen. Maar na meting blijkt dat ze soms niet verder komen dan 2.000. Dat is te weinig. Ik geef toe dat de dagelijkse norm van 10.000 stappen hoog is. Maar 5.000 moet toch wel haalbaar zijn.’

Timmers heeft een bovengemiddelde interesse in wearables en apps op gezondheidsgebied en hij experimenteert daar ook mee. ‘Ik ben ervan overtuigd dat technologie de zorgsector drastisch zal veranderen. En geloof ik dat een gezonde leefstijl vervelende ziektes kan voorkomen.’ Zo wijst Timmers patiënten op de mogelijkheden van gezondheidsapps. ‘Een patiënt verloor dankzij calorieënteller-applicatie MyFitnessPal vijftien kilo. Hij was al eerder bij de diëtist geweest, maar de app had meer effect.’ Timmers snapt dat wel. ‘Het maakt mensen bewust van wat ze eten en hoeveel bewegen. Je maakt een extra wandeling om je doelstelling van die dag te halen.’

Behalve leefstijlgadgets komen er ook steeds meer medische wearables op de consumentenmarkt. Zo schafte Timmers een bloeddrukmeter van het merk Withings aan die hij uitleent aan patiënten met een verhoogde bloeddruk. ‘Normaal gesproken komen zij drie of vier keer per jaar bij ons om de bloeddruk te meten. Met dit apparaat doen ze het thuis. De data komen in een platform waarin ik kan meekijken. De ervaringen zijn goed.’ Timmers vraagt altijd eerst of patiënten het willen. ‘Sommigen komen toch liever naar de praktijk.’

De huisarts signaleert dat steeds meer medische meetapparatuur verschuift van de tweede lijn (ziekenhuizen) naar de eerstelijnszorg, en soms naar de patiënt. ‘De Scanadu Scout is een apparaatje dat het zuurstofgehalte in je bloed meet. Vroeger gebeurde dat in het ziekenhuis, nu kan de patiënt het zelf bijhouden.’ Timmers ervaart bij collega-huisartsen veel weerstand. ‘Hun kritiek is dat de metingen niet betrouwbaar zouden zijn. Ook zou het zelf meten tot hypochondrie leiden, waardoor mensen bij elke kleine afwijking denken dat ze iets mankeren. Ja, dat gebeurt: er heeft zich weleens iemand bij de huisartsenpost gemeld met een bloedruk van 136 terwijl hij altijd 130 had.’ Volgens Timmers zijn collega’s vooral bang dat het vak verandert. ‘Dat klopt ook. Maar technologische ontwikkelingen hou je niet tegen. Je kunt er beter op anticiperen.’

Betere diagnose

Katinka de Korte van Accenture voorspelt dat de komst van een digitaal patiëntendossier voor de grote ommekeer zorgt. ‘Nu beheert de zorgverlener het elektronisch patiëntendossier. Maar over een paar jaar is de patiënt eigenaar van zijn medische data. Hij zal in zijn digitale dossier gegevens over zijn conditie bijhouden die hij verzamelt met zijn smartwatch of gezondheidsapp. Een arts kan zo een betere diagnose stellen.

De vraag: ‘Sinds wanneer slaapt u slecht?’ of ‘Sinds wanneer voelt u zich minder fit?’ kan eenvoudig gestaafd worden met data.’ Momenteel zijn de gegevens over onze gezondheid nog losse data die iets vertellen over ons beweeg-, slaap- en eetgedrag, onze bloeddruk of het zuurstofgehalte in ons bloed. ‘Die verkrijgen we overigens straks ook via apparatuur in ons huishouden,’ zegt De Korte. ‘Onze connected weegschaal signaleert onverklaarbare gewichtsafname. Sensoren in onze tandenborstel checken ons speeksel, net als sensoren in de wc straks onze urine kunnen meten. Als al die data bij elkaar worden gebracht, ontstaat een samenhangend beeld van onze gezondheid en kunnen we afwijkingen vroegtijdig opmerken.’

TerZake is een bijlage van Elsevier Media Lab en valt buiten de verantwoordelijkheid van de redactie van Elsevier. De thematiek komt tot stand op basis van wensen van adverteerders en de artikelen worden door onafhankelijke journalisten gemaakt.

Haartransplantatie nieuwe stijl

Nieuwe technologie maakt haartransplantatie beter en sneller. Arts en onderzoeker Coen Gho: ‘We verplaatsen niet de hele haar, maar slechts een deel ervan.’ Veel Nederlanders gaan gebukt onder haarverlies. Het haar wordt dunner en valt uit. Bij vrouwen boven op het hoofd, bij mannen worden de inhammen aan de zijkant van het hoofd groter en … Continued

Lees verder

‘Ik geloof vooral in voedselrestrictie’

De ouderdomsprofessor wordt Jan Hoeijmakers (65) wel genoemd. De hoogleraar moleculaire genetica aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit probeert te achterhalen hoe wij op een gezonde manier steeds ouder kunnen worden. ‘Eet minder,’ luidt zijn advies. Hoe verloopt het proces van lichamelijk verval, waar iedereen zo tegenop ziet? ‘In ons DNA, het erfelijk materiaal dat in … Continued

Lees verder

‘Patiënt moet wat te kiezen hebben’

Patiënten moeten meer betrokken worden bij de diagnose en behandeling van hun klachten, vindt Bart Malenstein, CEO bij Bergman Clinics. ‘Ze moeten kunnen kiezen waar ze bijvoorbeeld een heupoperatie laten uitvoeren.’ Dat vereist volgens hem een digitalisering van de processen. Wie een operatie moet ondergaan in de planbare ziekenhuiszorg, zoals een heup-, knie- of staaroperatie, … Continued

Lees verder

De bouwstenen

Wat je eet, is wie je bent. Het dieet van de Nederlander verandert voortdurend. Dat geldt niet alleen voor de samenstelling van maaltijden, maar ook voor de voedingswaarde van ons eten. Volgens Amerikaans onderzoek daalde de voedzaamheid van 25 van de 43 onderzochte groenten in een halve eeuw fors. Mede daardoor krijgen mensen minder bouwstoffen … Continued

Lees verder

Het leven na uw bril of contactlenzen

Wie zijn bril of contactlenzen beu is, kan zijn ogen laten laseren of lenzen laten implanteren. Dat hoeft geen ingrijpende operatie te zijn, aldus oogchirurg Gerard Groothuizen (65) van het Ooglasercentrum Drechtsteden. De bekendste ingreep is de laserchirurgie. ‘De sterkte van de bril wordt dan in het hoornvlies gelaserd. Daarbij blijf je aan de buitenkant … Continued

Lees verder

Het nut van databrokjes

Maakt meer technologie ons gezonder? Technologie-expert Maarten den Braber (32), medeoprichter van opleidingsinstituut SingularityU Nederland en start-up Rockstart Health, denkt van wel. ‘De toekomst van de zorg voltrekt zich buiten het ziekenhuis.’ De pacemaker, de titaniumschroef en een hersenimplantaat. Ze zijn inmiddels gemeengoed. Net zoals de vele apps, games en wearables die we gebruiken om … Continued

Lees verder