zondag 27 mei 2012

Laatst bewerkt

donderdag 17 juni 2010 10:19

Tags

Commentaren

donderdag 17 juni 2010 10:19 /

CDA: machtsgreep van links & oude prominenten

De progressieve stroming binnen het CDA ziet zijn kans schoon. Of de partij daar beter van wordt?

Doekle Terpstra, een van de linkse CDA-leden Doekle Terpstra, een van de linkse CDA-leden

Het CDA wil een congres bijeenroepen om een fiat te halen over een eventuele regeringsdeelname. Dat is opmerkelijk, want het CDA geeft zijn leden doorgaans niet te veel inspraak, en al helemaal niet via congressen.

Sterker nog: het zou voor het eerst zijn dat het CDA een congres laat beslissen of er geregeerd mag worden (en met wie).

Gelederen
Het aankondigen van dat congres kan uitgelegd worden als een poging de gelederen bijeen te houden, nu nogal wat CDA-kaderleden hebben aangegeven problemen te hebben met coalitiesamenwerking met de Partij voor de Vrijheid (PVV).

Het kan ook worden uitgelegd als een poging om de boel bij elkaar te houden, nu het CDA de grootste stembusnederlaag uit de geschiedenis van de christendemocratie heeft geleden en is vernederd tot het niveau van de vierde partij van het land.

Uitgangspunt
Maar het is natuurlijk ook een zet in het kader van het formatieproces. Die formatie is niet alleen maar een formatie, het is ook de eerste stap op weg naar de volgende verkiezingen.

Alle partijen proberen zodanig uit de formatie te komen, dat het uitgangspunt bij volgende verkiezingen potentieel het gunstigst is. Bij dat tactische spel is veel geoorloofd en kennelijk denkt het CDA dat het bijeenroepen van een congres daarbij ook een nuttige rol kan spelen.

Vervreemd
Het CDA heeft kiezers van zich vervreemd die vooral naar VVD en PVV zijn gelopen. Dat zijn precies de partijen waarmee informateur Uri Rosenthal probeert samen met het CDA een coalitie te smeden.

Nu wil het CDA best regeren. Een partij als het CDA wil altijd regeren, ook als dat qua toekomstperspectief niet eens verstandig zou zijn. De regeerreflex zit zo’n partij, zoals trouwens ook de PvdA en de VVD, in het bloed.

CDA’ ers in den lande willen hun lijntjes naar Den Haag hebben, en die lijntjes moeten niet doodlopen in de oppositie.

Relatief links
Maar dat wil ook weer niet zeggen dat er tegen iedere prijs met iedereen geregeerd moet worden. Dat vinden althans veel CDA-kaderleden, die relatief links zijn, bijvoorbeeld in de zin dat ze de PVV te rechts vinden (wat die partij in sociaal-economische zin niet is, maar daar gaat het nu even niet om).

Veel CDA-kiezers en zeker potentiële CDA-kiezers mogen daar anders over denken, maar kiezers hebben alleen iets te zeggen op de verkiezingsdag.

Afkeer
De afkeer van Wilders’ partij werd deels al ruim voor de verkiezingen vertolkt door oude prominenten van katholieke én gereformeerde huize: Dries van Agt, Wim Aantjes, Peter Kooijmans, Bert de Vries, Tineke Lodders, Hans van den Broek, Frans Andriessen – allemaal veteranen die ook deel uitmaken van Van Agt’s anti-Israël-clubje.

Oud-premier Ruud Lubbers behoort ook tot de anti-Wildersbeweging, maar die opereert wat jezuitischer. Herman Wijffels roert zich niet, maar zit in dezelfde hoek.

De tweede kern van de anti-Wildersbeweging binnen het CDA zit rond Doekle Terpstra, oud-voorzitter van de protestantse vakcentrale CNV. Hij wordt gesteund door zijn voorgangers en opvolgers bij het CNV. Terpstra zit trouwens ook bij het clubje van Van Agt. Terpstra's anti-Wildersbeweging heeft ook steun bij de progressieve dominees die de leiding hebben binnen de fusiekerk PKN.

Moreel beroep
De anti-Wilders-beweging binnen het CDA past in een langere traditie van linksgerichte oppositie binnen het CDA. Getalsmatig is die zelden groot, maar mede door een aanhoudend moreel beroep (‘het sociale gezicht’) is de invloed relatief groot.

De geschiedenis wijst uit dat deze beweging het CDA geleidelijk aan via de linkerkant verlaat (het CNV-kader zit tegenwoordig bij GroenLinks) maar tot die tijd maximale invloed binnen het CDA uitoefent. Het is dezelfde beweging die Balkenende vier jaar geleden dwong op te houden met hervormen en over te gaan op ‘investeren’. Dat leidde tot de linkse samenwerking die de aanloop vormde naar de historische nederlaag van 9 juni.

Tragiek
De tragiek van het CDA is, dat deze partij alleen groot kan zijn ten koste van rechtsere partijen. Op rechts zitten de stemmen die het CDA aan de macht kan brengen. Maar de oude prominenten en de linkse kaderleden willen juist progressief zijn, waardoor zij het CDA klein houden.

En nu gijzelen zij het CDA in hun afkeer van Wilders, waarbij zij wederom de suggestie van morele superioriteit inzetten om hun zin te krijgen. Daarmee wil nog niet gezegd zijn dat het verstandig van het CDA zou zijn om in een coalitie met VVD en PVV te stappen. Maar het gechicaneer over Wilders binnen het CDA is ook een poging van een stroming binnen het CDA om de partij linkser te positioneren dan goed is voor het CDA.


advertentie








advertentie